Posts tonen met het label Sinnerbikes. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Sinnerbikes. Alle posts tonen

zaterdag 20 juli 2013

Velomobielkeuze: de eindbalans

Het mag duidelijk zijn: het uitgangspunt en het belang van de diverse aspecten bij de beslissing is individueel sterk variërend. Daarbij maakte ik al duidelijk wat voor mij en voor het beoogde doel primeert: ik zoek geen racemachine, maar een VM om elke dag, door weer en wind, naar het werk te rijden. Dat betekent 46 km per dag onder wisselende omstandigheden. Dat kan bij 30° C en ook bij -10. Dat kan op een droog wegdek zijn, maar ook onder stromende regen of in de sneeuw.

Laten we de drie kandidaten nog even kort overlopen

Puur emotioneel wint de WAW met de vingers in de neus: een prachtige lijn, muurvast op de weg.


Dat betekent een hoge funfactor. Daarenboven is het de goedkoopste van de drie en met een fabrikant om de hoek zit ik ook goed. Anderzijds blijft Fietser worstelen met details en afwerking: ik herinner me de rechterremkabel die mijn been openschuurde, een haperende derailleur ("dat heb je met huurfietsen") en andere zaken die je in eerste instantie niet belangrijk vindt, maar die na verloop van tijd tot ergernis leiden. Het spartaanse karakter, horend bij het sportieve rijgedrag, en de beperkte bagageruimte pleiten voor mij ook tegen de WAW. Kortom: emotioneel de beste, maar rationeel en op termijn minder (wel de minst forse uitgave bij aanschaf). Ook voor de "rugzakproef" was de WAW gezakt.

De tweede geteste fiets was de elektroMango. Dit was ook meteen duidelijk: met de Mango krijgt het begrip velomobiel een heel andere invulling.


Dit is meer een no nonsense VM, die doet wat ervan verwacht wordt en waar een aantal technisch interessante oplossingen gebruikt worden. De tussenas bijvoorbeeld: die maakt dat de toch kwetsbare derailleur goed afgeschermd zit. Sinner biedt ook als enige van de drie de optie een naafdynamo in te bouwen. Dat biedt op elektrisch vlak weer een vorm van autonomie. Het belangrijkste nadeel van de Mango ligt dan weer op emotioneel vlak, de beleving van het rijden, het uitzicht van de velomobiel. Ik werd er warm noch koud van. Dat doet niets af van de functionaliteit: de Mango rijdt goed, zit goed, is ruim en alles wat nodig is, zit erin. De elektrische assistentie is van een ander niveau dan wat Fietser aanbiedt: de motor is zo goed als onhoorbaar en de transmissie is ook eenvoudiger. De accu is netter afgewerkt, kan afgesloten worden en krijgt een mooie plaats op de wielkast. Waar Fietser vooral nog worstelt met het elektrische gedeelte (verlichting, knipperlichten, remlicht, ...), hebben ze bij Sinner hun zaakjes goed voor elkaar op dit vlak. Functionaliteit boven alles, lijkt me hier de beste samenvatting. Alleen een gps-houder is niet terug te vinden in de optielijst. De elektroMango lijkt me qua mogelijke uitrusting de meest veelzijdige van het drietal. Alleen al het feit dat je kunt kiezen tussen de Sport, de + en de Tour duidt hierop.

De eOrca is dan in alles de tegenpool van de WAW: waar de WAW lang en laag is en geweldig snel oogt en aanvoelt, is de Orca breder, hoger en korter.


De ophanging is ook soepeler, met een langere veerweg (50 tegenover 30 mm vooraan) en het zitcomfort is ook al van een ander niveau. Neem daar het oog voor detail en de afwerkingskwaliteit bij en het wordt duidelijk waarom de Orca duurder is. Stilistisch is dit ook een blikvanger, maar op een heel andere manier dan de WAW. Voor mijn doel is de Orca ook praktischer: er is meer en makkelijker bereikbare bergruimte. Ook de ruime instapopening speelt mee. Een VM koop je niet om een jaar later weer weg te doen, dus moet je op lange termijn denken. Het uitgangspunt was hier helemaal anders: dit is een velomobiel voor dagelijks gebruik, waarbij aspecten zoals comfort en wendbaarheid primeerden, terwijl bij de WAW veel meer naar prestatie gekeken werd.

Hierna wil ik wat elementen tegen elkaar afwegen

Wat de elektrische assistentie betreft, scoren zowel de Mango als de Orca duidelijk beter dan de WAW, maar dat vertaalt zich alweer in de prijs. Voor de assistentie betaal je bij Fietser ongeveer € 1.300 extra; bij Sinner komt er minstens € 1.600 bij (afhankelijk van de gekozen accu) en bij Flevobike bedraagt de meerkost al € 2.200! Technisch zijn dit drie verschillende oplossingen en ook de accu's zijn telkens anders. Bij de WAW deponeer je die ergens op de bodem; bij de Mango wordt die netjes in een houder tegen de wielkast gemonteerd en bij de Orca krijgt die binnenkort een plaatsje bovenop de kettingbehuizing. Ook werken zowel Sinner als Flevobike met een koppelsensor, terwijl bij de WAW doorgaans een "gashendel" gebruikt wordt. Het doel daarbij is anders: Fietser ziet de ondersteuning vooral als een hulp bij het versnellen, aangezien je bij een constante snelheid op vlakke weg relatief weinig vermogen nodig hebt. De elektroMango en eOrca werken met een continu-ondersteuning, waarbij je de mate ervan kunt instellen in drie niveaus. Het is dus niet enkel de techniek, maar ook de ergonomie die verschilt.

Voor velen is ook de pure snelheid een bepalende factor. Aangezien mijn woonwerkroute over 12 km langs een breed jaagpad loopt - noem het maar een fietssnelweg -, kan dit ook voor mij meespelen. Absolute cijfers hierbij zijn moeilijk, want daarvoor zou je eigenlijk onder identieke omstandigheden en met vermogensmeting moeten werken.
Ik weet het niet precies meer, maar ik vermoed dat Foxy op Durano's stond; bij de Mango waren het Kojaks en de eOrca liep op Marathon Plus banden. Moeilijk te vergelijken dus. Toch ben ik vrij zeker: op dat vlak haalt de WAW een duidelijk afgetekende overwinning. Die gaat gewoon sneller dan de anderen.
De WAW testte ik op mijn normale, vertrouwde route en daar haalde ik zonder veel inspanning 40 km/u mee. Dat was trouwens mijn snelste woonwerkverplaatsing ooit! Met de elektroMango kwam ik nergens op een stuk waar ik voluit kon gaan, maar aangezien 45 km/u eerder moeiteloos ging, zal die niet veel langzamer zijn dan de eWAW (die zonder assistentie gebruikt werd op dat snelle stuk). In de eOrca was het dan weer werken om aan die 45 te raken, maar ook was dat zonder ondersteuning, op zwaarder lopende banden en een andere ondergrond. Belangrijk daarbij is ook de snelheidsbeleving: door de extreem lage zit in de WAW voelt alles nog sneller aan dat het is. Door het lage zwaartepunt hoef je amper te vertragen in een bocht. Kortom: gezien de variërende testomstandigheden kan ik de drie niet objectief vergelijken, maar enkel op indrukken afgaan. Ben, bij Fietser, zei me onlangs dat hij het hele eind van thuis naar Fietser aan meer dan 60 km/u aflegde! Dat is waarvoor een WAW dient: vlammen. De Mango kan hier nog enigszins mee, maar voor de Orca is dat wellicht te hoog gegrepen (voor mij al helemaal): die is ontwikkeld met een ander doel.
Als je er ook de bochtensnelheid bij betrekt, wint de WAW afgetekend: die kleeft gewoon aan de weg. De Mango zal een heel behoorlijke tweede zijn en de Orca bengelt hier ook weer aan de staart, als gevolg van de hogere zit en het navenante zwaartepunt.

Het opvallendste aspect van een VM is het koetswerk. Ook dat is bij alle drie compleet verschillend opgevat.
  • De Mango bestaat uit een boven- en onderhelft, beiden in glasvezel/epoxy.
  • De WAW bestaat uit een middendeel, versterkt met een carbonkooi, een afneembare neus en staart en dat alles is gemaakt uit aramide/epoxy.
  • Flevobike koos voor een eendelige onderkant uit thermoplastisch materiaal (twintex/glasvezel) en de bovenkant wordt opgebouwd uit drie losse panelen gemaakt van glasvezel/epoxy (bij de Versatile was dat ABS).
Voor de afwerking koos Fietser voor het spuiten met autolak, om gewicht te besparen. Bij Sinnerbikes is er een gelcoat en Flevobike levert de fiets met een "naakte" onderkant en bovenpanelen met een gelcoat.Volgens mijn beperkte kennis is het concept van de Mango (afkomstig van en gelijk aan het procédé van velomobiel.nl) het kwetsbaarst en is herstellen het ingrijpendst bij eventuele koetswerkschade. De aramidevezel die Fietser toepast is sowieso taaier, waardoor de kans op barsten en scheuren veel kleiner is. De staart en/of neus zijn afzonderlijk te vervangen. De onderkant van de Orca is zowat "bombproof" en doordat de bovenkant uit drie afzonderlijke stukken bestaat, is ook daar vervanging makkelijker. Anderzijds bestaat die bovenkant weer uit het kwetsbaarder glasvezel/epoxy. Optioneel kan je hier kiezen voor carbon, maar bij Flevobike zeggen ze zelf dat het de meerprijs niet waard is. Op dit vlak mag je, denk ik, de Orca en WAW naast elkaar zetten.

In het hedendaagse concept van wegenaanleg zijn verkeersdrempels en -plateaus niet meer weg te denken. Daar komt bij een VM de bodemvrijheid meespelen. De WAW heeft een vrije hoogte van 9 cm (op de site terug te vinden). De anderen staan vermoedelijk hoger op hun wielen, maar die informatie vond ik niet meteen terug. Bij de Mango zit er een uitstulping in de onderkant, waar de ketting loopt. Geen idee of dit de kwetsbaarheid bij drempels verhoogt. De bodem van de Orca is quasi vlak, met een vrij grote bodemspeling en omdat die uit een taaie, ongekleurde materie bestaat, zou die ook eerder onkwetsbaar moeten zijn. Enkel met de WAW kon ik het gedrag bij dergelijke hindernissen testen: die schraapte met de neus en bodem over de ondergrond, maar Fietser benadrukt dat dit absoluut geen probleem is: het materiaal waaruit de bodem gemaakt is, is erop voorzien. Een Quest is op dit vlak duidelijk benadeeld. Dit is belangrijk: als je aan elke drempel, elke op- en afrit moet afremmen en weer aanzetten, gaat je gemiddelde snelheid achteruit en neemt je reistijd toe. Of je kijkt er niet naar en binnen de kortste keren heb je een VM vol littekens.
Tijdens het schrijven van dit stukje, veranderde de realiteit alweer: de wegbeheerder van het dagelijks te gebruiken jaagpad liet plots ribbelstroken aanbrengen. Het rijcomfort van de VM (vooral de ophanging) wordt daardoor nog belangrijker, maar dit kon ik nog niet uittesten.

De WAW wordt standaard geleverd met het cabriodakje. Dit is behoorlijk uitgewerkt, met een vizier dat in vele standen instelbaar is en dat in de fiets meegevoerd kan worden. De Mango en Orca worden standaard zonder dakje geleverd. Bij Sinner kun je een kap in optie nemen (of je neemt de Mango Tour, waar dit al bijgeleverd wordt), maar die kun je onderweg niet zomaar wegnemen en opbergen; Flevobike biedt als optie het gekende "velomobieldakje" aan. Omdat dit rondom open is, heb je er geen behoefte aan om het weg te nemen, maar het kan.
Op de Oliebollentocht zag ik dat de Orca's van Johan en Hendrika uitgerust waren met zijruitjes, bij wijze van test. André Vrielink besprak dat meteen bij de testrit: zijruitjes kunnen in de winter, bij sterke zijwind, het comfort verbeteren, maar beperken anderzijds ook het zicht. Ik kan me inbeelden dat de balans op de open Nederlandse dijken anders uitvalt dan in ons meer beschutte landschap. Waar bij de volledig gesloten kappen ook een verbeterde stroomlijn een streefdoel is, zegt Flevobike dat hun dakje op dit vlak neutraal blijft. Het is alweer duidelijk dat snelheid niet hun hoofdbekommernis is.

Dan heb je ook nog de besturing. Zowel in de WAW als de Orca is gekozen voor twee stuurknuppels, terwijl de Mango werkt met een "helmstok", die ik ook ken van de Alleweder. Mijn voorkeur gaat naar het eerste systeem, dat ik als meer ontspannen sturen ervaar. De remhendels en bedieningen voelen zo ook natuurlijker aan, zeker met het knoppensysteem van de Orca. Het is even wennen, omdat de "panzerlenkung" heel direct werkt, maar de houding is natuurlijker.

Voor het financiële aspect zei ik in een eerder bericht dat ik alle drie de VM's zo gelijk mogelijk geconfigureerd had en dat de prijzen elkaar daardoor heel sterk benaderden. Enkel de WAW was duidelijk goedkoper op die manier. Doen we het anders en nemen we bij elk de basis, dan is het besluit heel anders:
  • een WAW heb je vanaf € 5.800
  • voor de basis Mango betaal je € 5.650
  • terwijl je voor een Orca al meteen € 7.650 moet neerleggen. Zo bekeken is een Orca effectief erg duur: maar liefst € 2.000 meer dan elk van de anderen.
Het is maar wat je wil: de Orca is meteen erg volledig, maar indien je heel wat van die zaken niet hoeft, is het niet de VM voor jou.
In de realiteit loopt het wellicht anders. Stel: je kiest voor de WAW. Die is in aanvang heel wat goedkoper dan de eOrca en dat is dus aantrekkelijk. Maar er zijn heel wat opties en enkele daarvan lijken me wel wat. De kans is groot dat de WAW op het eind van de rit ongeveer even kostelijk wordt als de "dure" Orca. Voor de Mango geldt natuurlijk hetzelfde. We hebben de neiging onszelf te bedriegen, in dit geval door de basisprijs te vergelijken en de uiteindelijke aankoopprijs te negeren. Net dezelfde psychologie speelt hier als bij het berekenen van een kilometerkostprijs van een auto: mensen rekenen enkel de brandstofprijs en negeren de rest.
Fietser bevestigde dit ook: de meeste eWAWs gaan niet voor minder dan € 9000 de deur uit en dikwijls is de prijs nog flink hoger. Dat heb je met optielijsten... Uiteindelijk kosten dezelfde componenten voor elke leverancier ook evenveel in aankoop.
Dan moet je ook een poging ondernemen om de onderhoudskosten in te calculeren. Ik verwacht dat de WAW hier het duurst zal uitvallen, aangezien de ketting niet echt afgeschermd is en de derailleur op het achterwiel zit, maar of het verschil groot is, daar heb ik geen idee van. De Mango houdt de zaken meer binnenboord en bij de Orca is alles maximaal afgeschermd. Ook de rest van de onderdelen oogt bij de Orca gewoon het degelijkst (knoppen, stuurinrichting, ...), waardoor het hele onderhoud vermoedelijk minimaal is. Anderzijds zorgt het concept ervoor dat eventueel onderhoud wel tijdrovend en dus duur in arbeidsuren wordt.

De dienst na verkoop speelt ook een rol. Vanuit die optiek wint Fietser makkelijk, vermits ze in Gent gehuisvest zijn en ik in diezelfde stad woon. Een ritje naar Flevobike betekent 250 km enkel en naar Sinner wordt dat maar liefst 370 km! Dat betekent dat hun producten best zo onderhoudsarm mogelijk kunnen zijn, want zo'n rit is ook niet gratis (als je hem met de auto doet).
Banden wisselen kan ik zelf. Het kettingonderhoud in een WAW is ook makkelijk (maar frequenter nodig). Bij een Mango valt dat ook goed te doen, maar bij een Orca is het al wat anders. Als de ketting dan moet vervangen worden, is de Orca helemaal in het nadeel, hoewel dat volgens hen slechts om de (ongeveer) 50.000 km of nog minder moet gebeuren.

Ook een heel sterk punt bij de WAW: de afneembare neus en staart maken de bereikbaarheid van diverse componenten en dus het onderhoud heel makkelijk. Anderzijds moet je bij een probleem met het achterwiel wel elke keer de staart verwijderen. De Mango en Orca maken gebruik van een 20" achterwiel dat enkelzijdig opgehangen is. Eén reserveband is bij die VM's voldoende en een binnenband wisselen kan zonder het wiel uit te halen. Maar naar rijcomfort en rolweerstand zou het 26" wiel van de WAW dan weer beter moeten scoren. Sinner levert dan weer standaard een Risse demper in de Mango, wat duidelijk gevolgen zou moeten hebben voor de wegligging.
Flevobike gebruikt dan nog eens rondom dezelfde wielen, van eigen makelij (vezelversterkte kunststof). Geen probleem meer met spaken en aangezien ze op elke Orca en GreenMachine zitten, neem ik aan dat Flevobike ondertussen voldoende ervaring heeft met de stevigheid en betrouwbaarheid ervan.

Het mag duidelijk wezen: dit is wikken en wegen. Dit is de sterktes en zwaktes tegenover elkaar zetten, proberen in te schatten welke van de drie het best tegemoet komt aan mijn individuele eisen en verlangens; pogen te bepalen aan welke ik het meeste plezier zal beleven en welke het ruimst inzetbaar zal zijn. Elke producent maakte zijn keuzes, die telkens leidden tot een degelijk eindproduct. Nu moet ik mijn keuze maken in functie van het gebruiksdoel.

Voor mezelf is de keuze gemaakt: het wordt een Flevobike eOrca die eFAW zal opvolgen. Die keuze is niet echt makkelijk en mocht ik nog andere velomobielen getest hebben, werd het wellicht nog moeilijker. De fabrikanten hebben me hierbij wel geholpen: bij Velomobiel.nl moet je al niet aankloppen voor een hybride VM, dus zij vielen al af. De meeste anderen - voor zover ik van "de meeste" kan spreken - bieden ook geen hybride versie aan. Dit is echt een nichemarkt.

Tenzij natuurlijk indien er tussen nu en het moment van bestellen nog een economisch aantrekkelijk alternatief opduikt op de tweedehandsmarkt...

woensdag 3 juli 2013

Het gaat vooruit: elektrango (3)

Het meeste is geschreven, maar er blijven nog wat losse sprokkels om de indrukken te vervolledigen.

Gewicht

De fiets die ik kon testen, is in beginsel een Mango Sport. Die is opgegeven voor 27,5 kg en dat is licht voor een velomobiel. Er zijn er niet veel die minder wegen! Natuurlijk zorgt de elektrische assistentie voor een meergewicht, ongeveer 6,5 kg. Met bij benadering 34 kg komt die in de buurt van een standaard Quest of Strada. Niet slecht dus en te vergelijken met de eWAW. De eOrca ligt daar met 39,5 kg (zonder assistentie) ruim boven (maar de Rohloff bijvoorbeeld weegt ook heel wat meer dan een derailleur). Ik schat dat de eOrca naar 45 kg neigt...

Snelheid

Tja, in een voor mij compleet onbekende omgeving met relatief smalle slingerende fietspaden kon ik niet echt voluit gaan. Bij het verlaten van Groningen heb ik de Mango even op de staart getrapt en haalde ik, zonder veel moeite, 45 km/u. Ik ben er behoorlijk zeker van dat ik ruim boven de 50 km/u had kunnen raken, voor zover dat belang heeft.
Het lage gewicht heeft duidelijk ook invloed op de acceleratie (net als de e-assistentie), maar Gert Jan zei dat hij meteen het meergewicht van de Sunstar motor merkte. Dat is alweer een kwestie van afwegen.

Kostprijs

Dit is een moeilijke. Ik schreef al dat er drie kandidaat-opvolgers zijn voor eFAW: Elektrango is daar een van, de eWAW was de tweede en de eOrca wordt binnenkort (vrijdag) aan de tand gevoeld. Hoe moet je prijzen vergelijken? Mijn uitgangspunt was dat alles wat je op de ene fiets vindt ook aan de andere toegevoegd moet worden. Zo kon ik proberen alle drie zo gelijk mogelijk te configureren.
De eOrca gaf daarbij de maat aan, aangezien die technisch het meest uitgebreid is. Zo voegde ik bijvoorbeeld zowel aan de eWAW als aan de Mango de meerprijs voor een Rohloff toe en vertrok ik van de Mango Tour. Alle drie de velomobielen kwamen zo aan een prijs van ongeveer € 10.000, waarbij de producten van Sinnerbikes en Flevobike op enkele euro's na hetzelfde zouden kosten (ong. 10.400) en de eWAW zowat € 600 goedkoper uitkwam.
Hierover kun je natuurlijk discussiëren. Indien je een Rohloff zinloos vindt - en dat zou goed kunnen aangezien de derailleur bij de Mango goed afgeschermd binnen het koetswerk zit -, maakt dat een aanzienlijk prijsverschil. Voor een Rohloff rekent Sinner bijvoorbeeld € 1.295. Met andere woorden: indien je voor een minimumconfiguratie gaat, kun je aanzienlijk goedkoper uitkomen.

Koetswerk

Dit is waar ik me bij de Mango de meeste bedenkingen bij maak. Die is namelijk, zoals ook de producten van Velomobiel.nl uitgevoerd in glasvezel/epoxy. Dat is een relatief goedkope grondstoffencombinatie, makkelijk te verwerken en dat vertaalt zich in de prijs van de fiets. Het nadeel is dan weer dat dit vrij kwetsbaar is: een glasvezel/epoxy paneel geeft niet veel mee. De WAW wordt gemaakt van aramide met epoxy en dat is veel veerkrachtiger. De Orca heeft een onderkant van thermoplastisch materiaal dat eveneens taai is en de bovenkant, opgebouwd uit meerdere panelen, is (voor zover ik weet) ook uit aramide opgetrokken. Zijn voorvanger, de Versatile, werd uit ABS-panelen gebouwd bovenaan, net zoals de stroomlijn van motorfietsen bijvoorbeeld, maar dat blijkt niet zo stevig. De Orca is dus onder andere op dit vlak een verbetering.

Zo lang er niets gebeurt, maakt dit weinig uit, maar bij een aanvaring met een paaltje of een andere hindernis maakt het wel degelijk een heel verschil! Ook bij het in- en uitstappen betekent dit dat je met een Mango voorzichtiger moet zijn. In hoever dit in het echte leven een beperking is, daar heb ik dan weer geen ervaring mee.

Begin juli maak ik een proefrit met de eOrca en nadien kan ik de drie modellen tegen elkaar afwegen.

Nog even het vertrekpunt herhalen: de velomobiel is bedoeld voor forenzen. eFAW doet ongeveer 8.000 km per jaar en dat is zo goed als uitsluitend woonwerkverkeer. Dat doe ik in gemengde omstandigheden: kasseiwegen (niet veel), onverhard (klein stukje), klinkers en asfalt van geaccidenteerd tot heel behoorlijk. Om die reden is bijvoorbeeld de mogelijkheid om bredere banden te gebruiken van belang. 1/3 van de route loopt door de stadsrand, met vele kruispunten, verkeerslichten, enkele bruggen, ... Daar speelt topsnelheid absoluut geen rol, maar het gemak waarmee de fiets weer op snelheid komt is dan wel van belang. Vandaar de elektrische ondersteuning als wens.
Woonwerkverkeer betekent ook dat dagelijks spullen mee moeten: kleding (die dikwijls wel gewoon op het werk blijft hangen), schoenen, eten, ... en dan een fototoestel voor onderweg, de basis-wisselstukken (binnen- en buitenband, herstelkit, wat sleutels) en nog wat prullen.
Voor het werk stop ik de zaken allemaal samen in een rugzak (25l), die dus makkelijk in de velomobiel moet passen. Het kan ook een andere rugzak of een tas zijn, maar bij voorkeur moet alles samen zitten.