vrijdag 17 februari 2017

Interessant verlichtingsnieuws

Een aantal jaren geleden lanceerde Philips plots fietsverlichting. Lampen voor en achter, op accu of geschikt voor naafdynamo. De lampen kregen zowat overal overwegend gunstige beoordelingen en werden zelfs de maatstaf waarmee andere lampen vergeleken werden.

Eigenaardig genoeg zie je ze heel weinig. Aan een kant logisch, want de meeste fietsers lijken meer belang te hechten aan een zo laag mogelijke prijs, maar anderzijds zie je ook peperdure Supernova, SON en dergelijke.

Even plots stopte Philips de productie. Hier in huis zijn drie fietsen uitgerust met zo'n Philips dynamokoplamp, waaronder mijn Trek toerfiets. De gebruikers zijn er allemaal tevreden over.


Twee van die fietsen beschikken ook over een Philips Lumiring achterlicht. Ook dat is echt goed: niet verblindend - geen puntbron (één felle led) - en met een groot verlicht oppervlak.


Nu heeft Spanninga het concept overgenomen.

De lampen zijn hertekend, maar gebruiken dezelfde techniek en naar ik aanneem dezelfde optiek. Vermoedelijk zijn ze wat vereenvoudigd, want de prijzen zijn lager geworden. Dat is prima nieuws, aannemend dat de betrouwbaarheid gelijk blijft.
Spanninga Elips (foto: Spanninga)
Ook nu weer kun je kiezen voor accu of naafdynamo als energiebron en heb je enkele verschillende lichtsterkten. 
Spanninga Axendo 60 accuversie (foto: Spanninga)
Spanninga Axendo 80 dynamo-uitvoering (foto: Spanninga)
Nieuw is dat ook een lichtsensor mogelijk is, die schakelt tussen 'dagrijlichten' of twee Rebel leds.

De accuversies zijn bedoeld om op het stuur te bevestigen, terwijl de dynamoversies op de kroonplaat of de balhoofdbuis geschroefd worden. Ook bij Philips was dat zo.

Leuk nieuws voor velonauten: er is een 80 lux versie, specifiek voor e-bikes. Dat betekent dat je die kunt gebruiken met een 12V accu, zoals in de meeste velomobielen gangbaar is. Alleen lijken de lampen nog niet leverbaar, terwijl ze voor januari aangekondigd waren.

woensdag 15 februari 2017

Weer iets nieuws geleerd

Vanavond reed ik de vertrouwde route van het werk naar huis. Zalig weer, lekker warm, zonovergoten. Op het jaagpad was het genieten aan bijna 40 km/u. Amper andere fietsers en een flinke zuiderwind in de rug. Wat wil een mens nog meer?

Een eind verder, in Merelbeke, gaat de route over een degelijk fietspad. Dat gebruik ik wel, omdat de auto's op de rijweg 70 mogen en dat is voor mijn Orcaatje wat te hoog gegrepen. Op andere plaatsen rij ik tussen de auto's, omdat het fietspad ondermaats is en de auto's maximum 50 mogen.

Voor me ontwaar ik twee fietsers, gezellig naast elkaar rijdend. Als ik zo ongeveer 20 m achter hen ben, claxonneer ik even als verzoek om plaats te maken. Ze gaan ook netjes achter elkaar rijden.

Maar als ik de achterste fietser inhaal, ik schat een dertiger en in degelijke fietsuitrusting, hoor ik hem iets zeggen tegen mij. Ik vertraag en zeg dat ik het niet begrepen heb. Hij herhaalt: 'volgens mij is zo'n ding verboden.'
'Say again?'
'Ja, ik denk dat zoiets verboden is, meneer.'
Dat is weer een nieuwe. Dat je op een fietspad volgens sommigen niet sneller mag dan 25, hoorde ik al (toen was ik met de Seiran). Dat mensen met grote gebaren en 'ho ho' aangeven dat een Orca een levensbedreigend projectiel is (toen reed ik ook 25), dat is ondertussen al normaal. Maar 'verboden' is absoluut nieuw. Dus was de wedervraag: 'waar haalt u dat?' en toen kwam de aap uit de mouw: 'het is van horen zeggen.'
Tja, mochten we alles doen wat 'van horen zeggen is', dan is alles wellicht tegelijk verboden en verplicht... Niet de moeite om een discussie aan te gaan op zo'n moment. 'Check your facts,' is het beste wat je eventueel nog kan doen. Wetende dat ze dit allicht niet zullen doen, vind ik zelfs dat de moeite niet. Als je je gelijk bewijst, wordt het tegenargument bijna zeker: 'ik vind dat zoiets verboden moet worden'.
Het is gewoon verloren energie om er tegenin te gaan. Even op de pedalen duwen en er snel voorbij gaan, is de beste oplossing op zo'n moment.

vrijdag 10 februari 2017

Eneloop cellen: lange duurtest

In de E-Orca en op de Seiran 24 gebruik ik heel vaak een Garmin Oregon 450. Die is niet meer van de jongste, maar hij doet wat hij moet.
Een Oregon werkt op AA batterijen. Makkelijk te wisselen als ze leeg zijn. Bij de recentere Oregons kun je de batterijen opladen terwijl ze in het toestel zitten; met de 450-generatie lukt dat niet.

Als energiebron gebruik ik meestal een setje Sanyo Eneloop batterijen, soms aangevuld met een Xiami 16000 mAh powerbank.




Eneloops hebben enkele belangrijke eigenschappen:
  • lage zelfontlading (LSD of low selfdischarge), waardoor ze lang hun spanning behouden als je ze laat liggen. Conventionele NiMh cellen verliezen veel sneller hun lading.
  • lange levensduur: veel goedkopere oplaadbare NiMh cellen zijn binnen het jaar stuk of de capaciteit is zo verminderd dat ze niet meer bruikbaar zijn.
In december 2010 kocht ik via nkon (webshop) een setje van 8 Eneloops. Om ze in goede conditie te houden, werd toen ook een Maha Powerex MH-C9000 lader besteld. Dit is een gesofisticeerde batterijlader met functies voor het onderhoud van gebruikte accu's.

Maha lader, hier met accu's die voorbereid worden voor gebruik in draadloze (telefoon-)handsets
Onlangs, ruim zeven jaar na de aankoop, liet ik de lader de Eneloops analyseren. Het resultaat: na zoveel jaren bedraagt de capaciteit van elk van de 8 accu's ongeveer 1640 mAh, waar dat bij aankoop 2000 mAh was. Dat sluit mooi aan bij de gegevens van een test. Ze zijn dus zeker nog bruikbaar, maar de autonomie van de Oregon is verminderd, aangezien de resterende capaciteit van de accu's gedaald is.

Ergens in die periode, bij de aanschaf van de Alleweder A2, kwamen ook LSD-batterijtjes van Aldi in huis. Ze zijn veel goedkoper, maar zouden over dezelfde eigenschappen beschikken. Die kwamen in een batterypack terecht voor de verlichting. Een belangrijk verschil: dit was een gesloten pakket dat met een bij de aankoop van de A2 meegeleverde lader van energie voorzien werd. Of het nu aan de kwaliteit van die accu's ligt, aan de veel minder gesofisticeerde lader of aan een combinatie van beide factoren, die accu's zijn al lang naar de recyclage gegaan. Een aantal ervan vertoonde lekken in de behuizing en de onderlinge capaciteitsverschillen liepen heel erg op.

De Eneloops worden nog altijd zo goed als dagelijks gebruikt, terwijl de Aldi-varianten al jaren geleden afgedankt moesten worden. Goedkoop is duurkoop is nog maar eens waar gebleken.

donderdag 2 februari 2017

Er bestaat geen slecht weer

... enkel slechte fietskledij. Zegt een oud Vlaemsch spreekwoord, of is het een Nederlands of een Kopenhaags?

Tijd om het te actualiseren: 'er bestaat geen slecht weer, enkel de foute fiets'. Zo, dat klinkt beter.

De laatste dagen kon de E-Orca weer zijn kameleon-eigenschappen tonen. Goed een week geleden was het koud - rond het vriespunt - en af en toe flink mistig. Met het Flevobike dakje, de knipperende lichtmast, de nieuwe BuM Cyo Premium en de schuimkap kon ik het kille weer trotseren en ik had het zeker niet koud!
Toen ik die week op het werk aankwam, lag op een dag het droogrek in een kleedruimte vol spullen, tot op het ondergoed, van een collega-fietser. 'Ja, het heeft echt veel geregend. Niet te doen.' Ik dacht: 'hoezo? Niets van gemerkt'.


Over naar deze week. Gisteravond reed ik door druilerig weer huiswaarts. Water naast me en water boven me. Knus in de Orca.


Vandaag was het dan weer heel er zacht. Het lijkt wel maart. 


Zonder Flevobike dakje, met het minivizier in plaats van de schuimkap en onder een stralend lentezonnetje ging het, met de wind in de rug, aan een flink tempo huiswaarts.

Fietstoerist of racefietser in het vizier, langzaam inlopen en dan op naar de volgende. Tempo rond 40 km/u op het jaagpad en uiteraard heel wat lager in de stadsrand. Veel te warm. Loopjasje uit na enkele kilometers en gelukkig had ik een lichte broek aan. De zware winterschoenen (Shimano SH-MW81) staan alweer opgeborgen. Handschoenen en muts? Die had ik wel bij, maar niet nodig. Ook niet vanmorgen, want toen was het ook al zo'n 5° C.

Als het zo doorgaat, rij ik binnenkort weer enkele keren met de Seiran naar het werk. Naar een ander spreekwoord: 'verandering van spijs doet eten'. Of hoe een andere fiets soms motiverend werkt.

donderdag 26 januari 2017

Ooit eens...

Nederland is grotendeels zo plat als een pannenkoek. Vlaanderen ook. Het zal wel daarom zijn dat ik graag af en toe eens een route opzoek die klimt, daalt en slingert. Dat is dan eens iets anders.

Op een bijzonder gematigde manier vind ik dat op een flinke boogscheut: in de Vlaamse Ardennen. Dat is bekend gebied voor wielertoeristen: landelijk, smalle, slingerende wegen met af en toe pittige hellingen. Meestal is het ook verplichte kost in de wielerklassiekers. Af en toe neem ik een andere route naar het werk en die loopt langs de rand van die streek: Merelbeke, Melsen, Vurste en Gavere passeer ik dan.

Om één of andere reden lijken veel ligfietsers er een afkeer van te hebben. Sommigen zijn zelfs overtuigd dat ligfietsen en hellingen niet samengaan: 'dan sla je gewoon achterover'.
Gegarandeerd niet en dat bewezen zoonlief en ik samen, jaren geleden, door een ritje te maken door het hart van dat gebied, vanuit Zwalm. Met een afgeleefde Alleweder A2 (voor ik hem onder handen nam) en zoonlief op een Gforce trike.

Zoonlief komt de Molenberg opgereden.
Jawel: we hebben het overleefd. We beklommen beruchte hellingen, compleet met kasseien, terwijl de zoon toen 13 of 14 was...

In 2015 'bedwong' ik de Kemmelberg, ook over een kasseistrook, met de Orca. Leuk was dat. Dit was een tussendoortje tijdens de overigens vlakke 'Lichtfronttrip'.


Hellingen blijven kriebelen, blijven lonken. Maar ze liggen vaak wel ver van huis. Jawel: er zijn de Ardennen. Dat ligt niet zo ver, maar dat is amper een uitvergrote versie van wat hierboven staat. Echte hellingen, dat wil ik. Banden die krijsen om de grip te behouden in de bochten; remmen die rokend je vehikel tot stilstand brengen; rakelings langs ravijnen scheuren; de snelheidsmeter getallen laten zien die je hier niet voor mogelijk houd en dan weer zwoegend, zwetend en vloekend een weg omhoog stampen.

Zoiets.

Les lacets de Montvernier (Rhône-Alpes, Frankrijk)
Deze zomer misschien. Ofwel tijdens een grotere reis met de Orca ofwel ergens tijdens een toer met de T4, de Seiran achterop.
Iets met mooie bochten, prachtige vergezichten, behoorlijk wat spanning en waar je voor moet werken. Die hierboven heeft een gemiddeld hellingspercentage van 8 %. Jaren geleden, met de Gforce, was het op de Col du Soulor ook zoiets. Lastig, maar leuk en de voldoening is groot.

Dan gaat het niet om het aantal afgelegde kilometers. Wat mij betreft ook niet over de hoogtemeters of de tijd die ik erover deed. Neen, het gaat simpelweg om voldoening, om 'ik heb het toch maar gedaan'.

Nu is het winter. Nu kan dat niet. Nu is het de tijd om plannen te maken, om doelen te stellen voor als het weer beter wordt.

dinsdag 24 januari 2017

Slecht weer

Je kent wellicht het gezegde 'er is geen slecht weer, enkel slechte fietskledij'? Wel: dat klopt niet helemaal.

Vandaag was het wel slecht weer.


Vanmorgen bedroeg het zicht langs het jaagpad zo ongeveer tussen 50 en 100 meter. Vervelend, want dan moet ik de snelheid beperken tot maximum 35. Gelukkig ken ik het jaagpad en weet ik waar de bochten en andere hindernissen  te verwachten zijn.

Maar vervelender is het zodra ik het jaagpad verlaten heb. Dan is het pas slecht weer. Mist, geen wind en koud, tot daar aan toe. Maar waar auto's rijden en mensen wonen, stinkt het met zo'n omstandigheden. Diesel- en benzinedampen blijven hangen, kolen en andere verwarming ruik je al van ver. Gezond is het zeker niet.

Anderzijds geeft die mist iets feërieks aan de omgeving, tenminste in de natuur.


En ondanks het feit dat het minder leuk is, heb ik de troost dat ik onderweg niet bijdraag aan die stank.

zondag 22 januari 2017

Dagelijkse realiteit

Wie fietst, weet het wel: soms is het ronduit schitterend om je heen en op andere momenten kom je vervelende en gevaarlijke hindernissen tegen. Enkele beelden van de voorbije weken illustreren dit.

Eerst het negatieve: N60, Eke. De keuze:

  • links voorbij, waar de auto's (minimum) 90 rijden
  • rechts erlangs, waarbij het rechterwiel door het gras ploegt

9 januari, Eke
Dan het positieve. Zoonlief werd net twintig. Dat was weer een gelegenheid om op zondagochtend naar de bakker te gaan om het ontbijt. Over onze Vlaamse gewoonte om de zondag lekker te ontbijten, schreef ik al eerder.


Dat heet dan 'het aangename aan het nuttige paren': lekker fietsen naar de bakker. Deze keer ging het met een ommetje, omdat het zo mooi was buiten.

Zicht op Gent in de verte