zondag 26 april 2015

Seiran: afstellen

Nu de Seiran in huis gekomen is, moeten we elkaar wat leren kennen.

Het belangrijkste is natuurlijk het afstellen en daar heb ik al wat mee geëxperimenteerd. 

Het eerste wat moest gebeuren, was de afstand tot de pedalen regelen: die was veel te groot. Een gevolg hiervan, typisch voor ligfietsen, is dat ook de ketting ingekort moest worden.

Het zitje was heel wat platter gezet - daar voel ik me makkelijker bij -, maar er leek nog een mogelijkheid te zijn om het nog anders te positioneren. Op zoek naar de ideale houding dus. 

Dat veranderen was nodig, want de steun achteraan kan maar over de helft van het bereik verlaagd worden; dan komt die tegen de lasnaden van een ander onderdeel. 
Er zijn twee posities mogelijk voor de bevestiging, of dat is toch mijn vermoeden, want er is geen handleiding beschikbaar. Vorige zondag, in een stralend zonnetje (maar met een frisse noordoostenwind), toog ik aan het werk: alle bouten van het zitje werden losgemaakt om het anders en platter weer te monteren.

Nu zijn de achterste bevestigingen gebruikt (je ziet de andere gaten)
Belemmering bij verstellen van de hellingsgraad
In mijn herinneringen ging instellen bij een Nazca (test met Gaucho enkele jaren geleden) veel eenvoudiger en sneller.

De bevestiging van de meegeleverde Radical toptas M werd opnieuw bekeken, want die vond ik niet goed: teveel tie-raps en niet makkelijk om eenvoudig de tas van de fiets te halen en weer te plaatsen.

Het stuur bleek lichtjes scheef te staan, dus werd ook dat geregeld. Nadien bleek overigens tijdens het rijden dat ook de stuurpen niet perfect afgeregeld is. Dat moet ik nog bijstellen. En nog later merkte ik dat er speling zat op de balhoofdlagering. Dit is een geïntegreerd balhoofdstel, dus dat vroeg enige studie, omdat ik zoiets nog nooit hoefde af te stellen. In de loop van de voorbije week is ook dat geregeld.

Op de fiets zit een optionele hoofdsteun. Die is handig, maar hij rammelde en dat vlak bij mijn oren! Dat kan niet, dus moest ook hier een oplossing voor komen. Die klus begon met alle overtollige tie-raps weg te knippen (veel te veel) en dan het laatste aan te spannen. Daarmee bleek dat probleem al van de baan.
Toen ratelde nog steeds iets, ergens achteraan, en daarnaar moest ik nog op zoek gaan. Het lijkt erop dat ik de veervoorspanning van de achtervering (DNM DV-22) te veel verminderd had, waardoor die rammelde.

De ketting was ook erg smerig, waardoor er meteen onderhoud nodig was. Met een zeepsopje en een oude afwasborstel werd flink geschrobd. Nadien nam ik wat vodden om alle vuil eraf te halen. Tenslotte werd de ketting gesmeerd. Hiervoor haalde ik onlangs een busje olie van KMC in huis.

Omdat data bijhouden een tweede natuur is, werd voorlopig de Minoura houder (uit de Orca) op het stuur gezet. Daarmee kon de Sony Xperia ZR (smartphone) gebruikt worden (met bijvoorbeeld OSMand of Runtastic) voor het opnemen van de ritten. Die houder werd algauw vervangen door een simpele houder van Garmin (die op de Trek zat), zodat de Oregon 450 zowel in de Orca als op de Seiran kan. Dan kan alles eenvoudig naar Garmin Connect doorgestuurd worden.

De Sigma 12.12 STS draadloze fietscomputer is al verhuisd van de Kobra naar de nieuwe. Die hoefde ik enkel nog te ijken aan de hand van de GPS.

Zo wordt de Seiran stilaan mijn eigen fiets, aangepast aan persoonlijke wensen en behoeften.

zaterdag 25 april 2015

Challenge Seiran 24: eerste indrukken


Ondertussen is er zo'n 150 km gereden met de Seiran. Ik kan dus al wat eerste rijervaringen geven en vergelijken met de Kobra.

Een dikke plus voor de Valenteyn Kobra is dat de ontwerper erin slaagde om zowat twintig jaar geleden met eenvoudige middelen een bijzonder efficiënte fiets te creëren. Het is een pure lage racer.


Zijn biotoop is de asfaltweg. Hoe vlakker, hoe beter. Dunne bandjes, een 451 voorwiel en een geometrie afgestemd op snelheid, daarmee kom je niet weg op onverhard. Het stuur is extreem smal, waardoor je handen elkaar bijna raken en de armen zowat voor je liggen. Dat lijkt me, zo op het zicht, een prima aerodynamische houding. Hij rijdt ook erg strak en, mits de fiets wat te leren kennen en onder de juiste omstandigheden, je kunt er erg schuin mee gaan in de bochten. Hij rijdt als op rails.

De Seiran is polyvalenter; het is meer een toerfiets, om relaxt mee te rijden. Daar moet ik me wel even op instellen. Met zijn 2 x 24" zit ik wel een stuk hoger: een beter uitzicht dus en dat is voor een toerfiets prima. Ook in drukker verkeer zal ik beter zichtbaar zijn.

De nieuwe Seiran 24, met alles erop en eraan
Eerst de negatieve kant van de Seiran: ik boet in aan snelheid. Dat is namelijk het domein waarin de Kobra gespecialiseerd is. Het ligt niet enkel aan luchtweerstand en geometrie, maar ook aan het bereik van de versnellingen. Met de Seiran rij ik continu op het grootste blad vooraan en in de drie hoogste versnellingen achteraan. Dan ligt de snelheid rond 30 km/u. Met de Kobra is 35 eerder de kruissnelheid en is 40 ook haalbaar. Natuurlijk: met het wisselen van de cassette of de kettingbladen kan dat bereik eenvoudig gewijzigd worden. Maar toch zal dat weinig uithalen: er is simpelweg meer vermogen nodig om dezelfde snelheid te halen. Het lijkt er dus op dat het bereik afgestemd is op de haalbare snelheden.
Dat zou kunnen liggen aan het 24" achterwiel (28" op de Kobra), maar ik heb de indruk dat de luchtweerstand ook meespeelt. Een andere mogelijkheid is dat de banden teveel weerstand geven (Vee-rubber 32-507). Ik wil sowieso bredere banden, dus daarmee kan wel getest worden, maar eerst wil ik de fiets wat beter leren kennen.
 
Een groot pluspunt is dat de Seiran duidelijk meer op mijn maat gemaakt is/afgesteld kan worden. Ergonomisch zit het dus goed. Het zitje past prima, de afstand tot de pedalen is goed te regelen en nergens voel ik iets wat niet goed zit. Ook het Ventisit matje is een sterke verbetering. (Dat laatste had ik natuurlijk zelf kunnen kopen voor de Kobra.)
Bij de Kobra, die voor grotere mensen gemaakt is (ik meet 1,70m), moet mijn rechterbeen een boog maken om de rem heen bij het trappen en kom ik met mijn bovenbenen net niet tegen het (niet in de lengte verstelbare) stuur. Daarbij moet ik goed letten op de positie van mij handen, om niet telkens met mijn bovenbenen tegen mijn vingers aan te tikken. Dat alles is het gevolg van het feit dat de Kobra voor grotere mensen gemaakt is.
Op comfortvlak is de Seiran een hele verademing. Dat is ook logisch, omdat die als toerfiets ontworpen is.

De rechtuitstabiliteit van de Seiran is ook groter: ik kan met de handen los rijden! Niet lang weliswaar en niet echt stabiel, maar het lukt wel. Dit is natuurlijk volstrekt onbelangrijk, maar het is een verschil.

Dat de draaicirkel veel kleiner is, is geen kunst: de Kobra heeft meer plaats nodig dan een Quest om een bocht te maken...Wel is het even wennen: de "helmstok" is een heel eind langer, waardoor je bij korte bochten het stuur echt zijwaarts van je weg moet duwen. Daardoor verplaats je ook je zwaartepunt. Anderzijds kùn je wel een heel eind korter draaien, mits wat oefenen.

Als het wegdek er minder goed bij ligt, lijkt het dat de Seiran het wel makkelijker heeft. Ook putten in de weg worden door het 507 voorwiel beter verteerd. Het feit dat de bandjes op 4 à 5 bar staan, tegenover 7 à 8 op de Kobra, zal ook meespelen hierin en uiteraard doet de achtervering (DNM DV-22) zijn werk: die vangt de grootste klappen op.

De 2 x 24 configuratie maakt dat je ook een eind hoger boven de grond zit. Op jaagpaden en lange einden maakt het geen verschil, maar tussen het verkeer ben je beter zichtbaar. Gelukkig is die hoogte zelfs voor mij nog haalbaar: liggend kan ik met de bal van de voeten aan de grond. Zittend kan ik mijn voeten plat zetten. Handje aan de grond, zoals op de Kobra, is uitgesloten (en ook niet nodig). 

Waar de Kobra uitgerust is met raceremmen, zitten op de Seiran Avid BB7 mechanische schijfremmen. In beide gevallen is het ruim voldoende. De schijfremmen kunnen wel lawaaierig worden bij het remmen, maar ze doen hun werk, zijn prima te doseren en kunnen, als het nodig is, de fiets heel snel stoppen. Met de Tektro racerem kan het achterwiel van de Kobra evengoed blokkeren.

In gewicht is er amper onderscheid. Vorige week zette ik de Kobra op de weegschaal en die gaf 18 kg aan. De Seiran weegt, volgend opgave, "vanaf 17 kg", dus dat zal in de praktijk zowat hetzelfde zijn.

Kort samengevat: snelheid is ingewisseld voor comfort en ergonomie.

dinsdag 21 april 2015

Lekker fietsweertje

't Is nog wat fris 's morgens - zo'n graad of 6 -, maar de kleurrijke omgeving maakt veel goed. Ik kon het dus niet laten om vandaag weer enkele foto's te maken.

Zevergem, richting zuiden
Zevergem, zicht naar het oosten
Wat heb je meer nodig als motivatie om met de fiets naar het werk te rijden?

maandag 20 april 2015

... en dus -1?

Nu de Seiran er staat, moet nog een knoop doorgehakt worden. Een fiets die niet rijdt, is zonde. Met de Seiran zal de Kobra wellicht veel minder kilometers maken. Daar bovenop is het alweer een extra fiets in de garage en het aantal vierkante meters is beperkt.

Dus zoekt de Kobra een nieuw, liefhebbende eigenaar om samen veel aangename uren op de weg door te brengen.

Laat me die fiets nog even kort voorstellen.



Dit is de staat waarin de Valenteyn Kobra bij me terechtkwam. Lichtjes onderkomen, wegens opgeslagen in een (vochtige) kelder. Dit vroeg om een grondige aanpak. Het resultaat zie je hieronder.

De trapboom was vast. Dat is aangepast, zodat die instelbaar werd.



Het frame werd tot op het blanke staal afgeschuurd, in een antiroest grondlaag gestoken en dan met twee lagen tweecomponentenlak gespoten (signaalgeel).



De achterrem voldeed niet en werd vervangen door een Tektro racerem.



De cranks waren ook niet meer in orde. De set die in de plaats kwam, is er eentje van Miche (Young) met 160 mm cranks.



Ook de derailleur had zijn beste tijd gekend. Een Shimano Sora racederailleur kwam in de plaats.



Om het probleem van de steeds aflopende en sterk slingerende ketting te verhelpen (zie twee foto's hierboven), kwam er een eindje kettingbuis over. Daarmee was ook dat van de baan.



Om af te ronden nog een beeld van de Kobra in de dagelijkse outfit.



Als extraatje komen er twee nagelnieuwe Schwalbe Durano 28-451 bij. 
Nog wat "speciallekes":
  • 8-speed cassette, maar 7-speed shifter. De 8-speed shifter krijg je erbij.
  • twee bladen vooraan, voor "bio-shifting" (ketting met de hand verleggen)
  • door de naast het wiel lopende ketting: grote draaicirkel
  • ik zou zeggen: geen fiets voor beginners, maar wel erg snel en leuk om mee te rijden
  • B+M Cycle Star spiegel
  • mono voorvork
Ik zal de markt laten spelen en dus zien wat de liefhebber ervoor over heeft. Graag wel minimum € 400 voor dit unieke stuk.

zaterdag 18 april 2015

+1

Ik had het al gezegd: er is behoefte aan eentje meer. Een ligfiets dan; één die wat comfortabeler is, meer toergericht en multi-inzetbaar. De Kobra rijdt fantastisch, maar is en blijft een mooi-weer-fiets.

Na het publiceren van dat vorige bericht erover, kwamen enkele nuttige reacties. Jan ging dus nog even het wereldwijde web op op rond te snuffelen tussen de aangeboden liggers. En kijk: mijn fiets stond gewoonweg te wachten op mij!


Een Challenge Seiran 24, amper gebruikt en uitgerust als toerfiets. Met 24" wielen kan zelfs ik, met mijn korte beentjes, aan de grond. Dat is dus +1 en met het doel om hem geregeld te gebruiken, ook voor woon-werk verkeer.

Eerst wat proberen en afstellen. Dat hoort er telkens bij. De pedalen zijn wat dichter gezet, de ketting vijf schakels ingekort, het zitje wat platter gezet... Nu even afwachten wat het doet. Het lijkt erop dat de snelheid van de Kobra ingeruild is voor meer comfort en inzetbaarheid.

donderdag 16 april 2015

Alweer hetzelfde

Vanmorgen vroeg reed Jan zoals gebruikelijk tussen 7 en 8 met de Orca naar het werk. Buiten het lange eind jaagpad, dat al vaak vermeld werd, is er ook nog een 8-tal kilometers stadsrandverkeer te verduren. De wegen die daarbij gevolgd worden, beschikken soms over een fietspad en soms ook niet. Meestal rijd ik met de Orca niet op dat fietspad, wegens te smal, te slecht aangelegd en onderhouden en bijgevolg te gevaarlijk. Bovendien moet het niet, volgens  onze wegcode.

Vanmorgen reed Jan, zoals elke keer, over de brug over de spoorweg in Melle. In de achteruitkijkspiegel zag ik een Renault Kangoo die volgde. Bij het afrijden van de brug ging het autootje me voorbij, terwijl het licht tweehonderd meter verder op rood sprong. Ik zag dat en de dame in de auto had het dus ook kunnen zien. Een zinloos inhaalmaneuver zoals we ze als fietser maar al te vaak meemaken. "Ik kan sneller, dus ik ga er voorbij" is vermoedelijk de gedachte erachter. Niet "de redenering", want bij zo'n acties wordt m.i. niet geredeneerd.

Maar daar gaat het eigenlijk niet om. Het Kangootje ging me toeterend voorbij en toen het voor me kwam, zat de dame achter het stuur druk te gesticuleren. Jan wist al waarom: de dame vond dat hij op het fietspad hoorde.
Even verder, aan het rode licht, ging de Orca langs de auto (aan de linkerkant) om zich op de fietsopstelstrook, voor de auto, te positioneren. Toen ik er langsreed, hoorde ik iemand roepen. Het was, uiteraard, iets met "fietspad" erin.

Het was toch net rood geworden, het raam stond open en nieuwsgierigheid is des mensen, dus ik stapte uit om te vragen wat er aan de hand was. De oudere vrouw in de auto was duidelijk erg opgewonden; haar dubbele onderkin flubberde van verontwaardiging en ze zei dus - zoals ik al wist - dat ik op het fietspad moest en dat ik moest voortmaken, want het zou groen worden. 

Nou, ik had tijd en zin om dwars te liggen, zeker omdat de dame ongelijk had. Ik vroeg waarom ik op het fietspad moest (eigenlijk vinden automobilisten dat elke keer, niet omdat het volgens hun interpretatie van de wegcode moet, maar omdat je "in de weg rijdt"). 
"Omdat ge geen plaat hebt", was de uitleg. Dat was een nieuwe!

Mijn droge verwijzing naar artikel 9 van de Belgische wegcode werd weggewuifd. "Ik ken de wegcode (duidelijk niet) en gij moet op het fietspad". Ondertussen was het groen geworden. De dame was niet voor rede vatbaar, verdere discussie had geen zin en ik had haar gehinderd bij haar gehaaste rit. Ik slofte weer naar de Orca, zette me neer en deed het deksel zorgvuldig dicht. Het licht ging weer over op oranje en vervolgens rood. Daar mag je volgens de wegcode niet door, dus bleef ik rustig wachten, met een razende dame die tot op centimeters achter de Orca genaderd was.

Missie geslaagd: de vermeende winst door het zinloze inhaalmaneuver was meer dan verkwanseld.

Niet dat het wat uitgehaald zal hebben. Artikel 9 zal ze allang weer vergeten zijn, want ik moet toch op het fietspad. Volgende keer neem ik een toeter mee en maak ik er een kwis van.

woensdag 15 april 2015

Genieten met de Kobra

Lente! Een stralend blauwe hemel verwelkomt me bij het opstaan en de temperatuur is al heel behoorlijk. Perfect eigenlijk om te fietsen.

Met zo'n weer laat ik graag de E-Orca in de garage en dan neem ik de Kobra om de woon-werk verplaatsing te maken. Het is altijd verrassend hoe snel het kan met een twintig jaar oude lage racer!

De Kobra poseert gewillig
De weg heen was vooral genieten van het uitzicht. Met de Kobra kan ik het pad aan de rechteroever van de Schelde volgen. Dat is in veel mindere staat dan de andere kant: voor een heel eind zijn het twee asfaltsporen met een strook gras en planten ertussen. Met de velomobiel is dat lastig rijden, maar met de lage racer vormt dit geen probleem, zo lang er geen putten in liggen. Eens aan de andere kant rijden, geeft ook een ander zicht op de route.

Mooi zicht op de opkomende zon
De Schelde 's morgens vroeg (5u30 zonnetijd)
Vanmorgen lag het gemiddelde, toen ik op het werk aankwam, net boven 28 km/u en toen ik vanavond weer thuis was, wees het ruim 30 km/u aan. Dat is bijna even snel als met de velomobiel! (Eigenlijk moet ik wel nog even controleren of de Sigma fietscomputer wel de juiste snelheid aangeeft.)

Snelheden zijn altijd moeilijk. Je kunt enkel onderling vergelijken op hetzelfde traject. Dat betekent dat voor anderen 30 km als gemiddelde erg traag of net erg snel kan lijken.

Vandaag kwam er ook weer een nieuwe ervaring bij. Daarvoor moet je alweer ruim een halve eeuw op deze aarbol rondlopen (eigenlijk vooral fietsen)... 
Vanavond, op de weg terug, zag ik op het jaagpad in de spiegel een koppel wielertoeristen naderen. Mijn snelheid benaderde op dat moment 40 km/u. Gedurende een drie of vier km bleven de heren in mijn wiel, met een tempo variërend tussen 38 en 40 km/u. Dan vond ik het welletjes en ik vertraagde. Ze waren zo bereidwillig om de kop over te nemen en zo konden we in waaier rijden. Dat had ik nog nooit gedaan. Makkelijk! Het tempo werd licht gedrukt, naar 36 à 37 km/u - dat vond ik wat flauw -, maar het voelde heel relaxt aan in het zog van andere fietsers. Zo ging het door tot het einde van het jaagpad en zo schoot het ook wel op! Dat helpt natuurlijk ook om het gemiddelde op te trekken.

Met zo'n weer, zo'n fiets en die snelheden heb je geen velomobiel nodig. Het blijft dus leuk dat zo'n oude racer het helemaal niet slecht doet (ik heb het over de fiets).