donderdag 18 juni 2015

Tweedehandse E-Orca - update (24 juni)

De voormalige eigenaar liet me net weten dat zijn E-Orca verkocht is!

Neen, niet de mijne, maar die van een kennis. De E-Orca verkeert in perfecte conditie en heeft heel weinig kilometers. Een mooie kans voor wie zoiets zoekt. De kleur is dezelfde als de mijne, dus er hoeven geen specifieke afbeeldingen bij.

De configuratie is nog iets uitgebreider. De voornaamste verschillen:
  • recenter en uitgebreider display voor de ondersteuning (V2)
  • stevig slot
  • hoogteinstelling koplampen
  • carbon wielen
  • velomobieltassen
  • gps tracker
Dit is de omschrijving:

Verkoop wegens nakende verhuis naar het buitenland.
Velomobiel E- Orca - 1 jaar oud - < 2000 kilometer!!

Flevobike Orca wit/ zwart met dakje
Versnellingen: Rohloff speedhub 500/14
Elektrische ondersteuning met LiFePo4 Accu (38,4V 13,2Ah)
Luxe V2 display E- assist
Luxe verlichting set Orca 4x3 LED incl NiMh accu 6V 4,1 Ah + USB voeding
Hoogte instelling koplamp
90mm trommelremmen
Carbon composiet gietwielen
Schwalbe Tryker 40 – 406 banden
(+ 3 reserve banden Tryker & 1 Schwalbe Energizer band & 2 reserve binnenbanden)
SPD/ combi PD-M324 pedalen
Velomobieltas links en rechts
Bagagenet staart Orca
Orca bodemmatten Ventisit 1cm
GPS tracker
Parkeerhoes Orca
Hoogwaardig slot
Huidige nieuwprijs van deze configuratie > € 11600

http://www.flevobike.nl/


De advertentie vind je hier.

woensdag 17 juni 2015

CV voorbereiden

Het komt er eindelijk van: dit jaar ga ik naar Cycle Vision. Elke keer dacht ik: "ja, ik wil er wel naartoe," maar elke keer weer kwam er iets tussen. Vooral: CV viel telkens tijdens de examenperiode van de kinderen.

Deze keer is de oudste al afgestudeerd en de jongste zijn examens eindigen op donderdag 18 juni, dus dat is geen bezwaar. Daarenboven kreeg ik vanuit de organisatie het verzoek om een lezing te geven. Dat kon ik niet afslaan, dus vertel ik over "en daarom rijd ik met een Orca". Redenen genoeg om te gaan.

Venray ligt op 200 km van Gent en dat is met de Orca mooi haalbaar op één dag. Zoals ik al vaker deed, zal ik ook deze keer kamperen: de inschrijving hiervoor is al achter de rug. Misschien slaag ik er voor het eerst in om die 200 km grens te overschrijden. Tot nu is de langste dagafstand 193 km (vorige zomer, van de omgeving van Mont Saint-Michel naar de Morbihan, in het zuiden van Bretagne).

Wat nu rest, is CV voorbereiden.

De trip en het kamperen voorbereiden, houdt niet veel in: gewoon de checklist aflopen en alles klaarleggen en inpakken. Hier en daar rest wat twijfel, zoals: welke tent neem ik mee?
Wordt het deze?


Of hou ik het wat bescheidener?

 
De eerste is ingepakt ongeveer zo groot als de Orca, dus die keuze is niet zo moeilijk.
De dikke of de dunne slaapzak?





Tja, zondag wordt het zomer en die dikke neemt zowat de hele bagageruimte in. Ook weer niet zo moeilijk.
 

Hoogstwaarschijnlijk wordt het de uitgebreide reisconfiguratie, met de Radical Cyclone. Dat geeft net wat meer ruimte om de spullen mee te nemen. Daarenboven kan ik er makkelijk de wielen afhalen, waardoor de fietskar getransformeerd wordt in een reistas.

De andere voorbereiding is het gevolg van de uitnodiging: de lezing dient voorbereid te worden. Dat is geen routine, want het is voor mij een eerste. Wat kan en zal ik vertellen, hoe pak ik het aan? Dat is mijn kant. Hoeveel volk zal er zijn? Wat verwachten de toehoorders ervan? Dat is de andere kant. Spannend...

Ook om naar uit te kijken zijn de vele ontmoetingen met andere bloggers, met velomobielrijders, ligfietsers, ... Ik vrees dat twee dagen te kort wordt, vooral omdat mijn lezingen telkens midden in de dag vallen (vanaf 12u30 op zaterdag en vanaf 13u30 op zondag). Kom maar naar het Wielercafé (zaterdag om 12u30) of de Velozinezaal (zondag om 13u30), zodat ik het niet aan mezelf moet vertellen. Dat is niet zo interessant, want ik weet het allemaal al...
Tussendoor wil ik de streek nog even verkennen, waarbij ik twijfel tussen de 55 km-tocht (meer zekerheid om tijdig terug te zijn voor mijn eigen lezing) of de 82 km (beetje meer streek bekijken). Wie weet, wil iemand mee rijden.

Tot op CV!

dinsdag 16 juni 2015

Schwalbe Tryker (en Energizer Plus) - bedenkingen

Op de Alleweder gebruikte ik al Trykers en de E-Orca werd, op mijn verzoek, geleverd met diezelfde banden. Ondertussen zijn we al enkele jaren verder en ik probeerde tussendoor ook andere banden, zoals Schwalbe Marathon, Hutchinson Greenville, ...


Marathon (ook Marathon Greenguard genoemd)
Hutchinson Greenville 35-406
Loopvlak van de Greenville



De huidige bandenconfiguratie op de Orca bestaat uit Trykers vooraan en een Schwalbe Energizer Plus achteraan. Die laatste heeft er nu 6000 km op zitten en ziet er prima uit. Die raakte ook nog geen enkele keer lek.

Tryker

Onlangs maakte ik een flinke trip (de fronttoer), waarbij ik tweemaal lek reed. Eén keer rechts en één keer links. Toen ik nadien de banden controleerde, bleek de oorzaak telkens dezelfde: een scherpe, naalddunne steensplinter had zich door het loopvlak gewerkt.

De Tryker die ik laatst controleerde, zat vol kleine steentjes die zich door het rubber aan het vreten waren. Da's niet zo goed, natuurlijk. Jammer, want voor de rest voldoen die banden aan al mijn vereisten.
Ze rijden comfortabel. Dat wil zeggen: stil en trillingsvrij.

Stil: dit moet je zien in vergelijking met een Marathon of de Hutchinson Greenville. Vermoedelijk ligt het aan het profiel, maar vooral bij de Marathon viel me op dat die zoemt. Het koetswerk van een velomobiel versterkt dat geluid. Op zich is het niet erg, misschien, maar met een Tryker ontbreekt dat volledig. Omdat een velomobiel nu eenmaal luidruchtiger is dan een open fiets, vind ik het belangrijk dat je zoveel mogelijk bronnen van parasietgeluiden elimineert.

Ook trillingsvrij is in vergelijking met de andere banden. Waarschijnlijk ligt dit dan weer aan het feit dat de wangen van de Trykers heel wat soepeler zijn, waardoor ze de hoogfrequente trillingen van de weg (klinkers, tegels, keitjes in het asfalt, ...) beter wegfilteren. Uiteraard zijn dit niet de enige banden die op die manier opgebouwd zijn: wellicht de hele "race"-lijn van Schwalbe volgt dat concept, want het spaart gewicht uit.

Natuurlijk is de wegligging ook van belang. Bij het rechtdoor rijden voldoet zowat elke band hieraan, maar in bochten valt het op dat de zijdelingse stabiliteit van de Trykers prima is. Met andere banden heb ik de ervaring dat ze kunnen wegglijden of gaan dribbelen. Niet met de Trykers.

Wat rolweerstand betreft, kan ik geen oordeel vellen. Dat moet op een objectieve manier gemeten worden. In principe moet dat kunnen door telkens op dezelfde manier van een helling af te rollen. Daar heb ik geen behoefte aan. Je krijgt van mij geen oordeel hierover dus. Enkel dit: het lijkt ook op dit vlak voldoende te zijn.

Trykers zijn vouwbanden en in het verleden signaleerde ik enkele keren een exploderende binnenband.


Op reis, in Normandië
Jawel, ook met de Marathon viel dit voor. Het lag dus niet aan de Tryker
Flevobike bezorgde me vorige maand, in garantie, een velg, waarna ik de oude terugstuurde. Die bleek af te wijken van de norm (iets te klein), wat vermoedelijk de oorzaak is van het aflopen van de band. Ik kan dus niet zeggen in hoever het feit "vouwband" hier een rol in speelt. Wat elke keer gebeurde, was dat de buitenband van de velg afliep, waardoor de binnenband plots heel sterk uitzette en dus ontplofte.


De binnenband na de explosie
Het grootste nadeel is de lekgevoeligheid (zie verder).

Specificaties van de Tryker volgens Schwalbe:

Grootte:                ETRTO 40-406 (20 x 1.50 Inch)
Typ:                      Folding
Rubbermengsel:   Endurance
Uitvoering:            RaceGuard
Kleur:                    Black-Reflex
Skin:                     Lite
Gewicht:               320 g (11 oz)
Bandenspanning: 4.00 - 6.00 Bar (55 - 85 psi)
Max. belasting:     73 kg
EPI:                      67

Daarnaast is er redelijk wat ervaring met de Marathons. Zoals je uit de commentaar hierboven kunt afleiden, scoren ze (wat mij betreft) duidelijk minder op het vlak van rijgeluiden en trillingen. Ik vermoed dat de stijvere zijkanten hiermee te maken hebben (trillingen) en dat het profiel verantwoordelijk is voor het zoemen.

Positief is dan weer dat ik er slechts één lek mee had. Qua lekzekerheid scoren ze duidelijk hoger. Aan het profiel te zien, zal de levensduur ook beduidend meer zijn.

Specificaties van de Marathon volgens Schwalbe:
Grootte:                ETRTO 40-406 (20 x 1.50 Inch)
Typ:                      Wired
Rubbermengsel:   Endurance
Uitvoering:            GreenGuard
Kleur:                    Black-Reflex
Skin:                     Twin
Gewicht:                530 g (19 oz)
Bandenspanning:  4.00 - 7.00 Bar (55 - 100 psi)
Max. belasting:      80 kg
EPI:                       67

Onlangs nam ik de laatst lek geraakte Tryker onder de loep. Uit het loopvlak, over de hele breedte, haalde ik tientallen kleine steentjes. 

Je kunt het uit de tabellen van Schwalbe al afleiden: de antileklaag is niet dezelfde als bij de Marathons en dat heeft duidelijk gevolgen. De lekken deden zich ook allebei voor tijdens de fronttoer, waarbij ik een heel eind - 13 km - over een gravelpad reed. De voorlopige, voorzichtige conclusie is dat Trykers eigenlijk uitsluitend voor asfaltwegen geschikt zijn (gras en aarde kunnen ook wel).
 
Loopvlak van een Tryker
Daarnaast zat het loopvlak vol kleine sneetjes, waarvan één volledig tot aan de binnenkant ging.



Dat moet liggen aan het feit dat het een slick betreft, want het rubbermengsel is (volgens de gegevens) hetzelfde bij beide banden. Op de zijkanten kwam stilaan het weefsel aan het oppervlak. De rubberlaag moet daar dus flinterdun zijn. Dat zorgt mee voor het lagere gewicht van de band en de soepelheid van de wangen, maar het beperkt wel de levensduur.

Conclusie voor de Tryker: "mixed feelings". Op comfortvlak en wat betreft rij-eigenschappen, zijn ze tot nu het beste wat op de Orca lag, maar ze zijn kwetsbaar. De Hutchinson Greenvilles zijn smaller en daardoor minder comfortabel, terwijl de Marathons beter scoren op het vlak van levensduur en lekgevoeligheid, maar te luidruchtig zijn en teveel trillingen geven.

Een ander voordeel van de Tryker is dat het een prima reserveband is: een vouwband neemt nu eenmaal minder plaats in.


Energizer Plus

Al 6000 km ligt achteraan een 47-406 Energizer Plus van Schwalbe op de E-Orca. 



Volgens mijn log monteerde ik die in oktober 2014. Met deze band ben ik echt gelukkig. Hij doet wat hij moet doen op een onopvallende manier. Geen lekken, geen onverwachte bokkensprongen, geen sterke rijgeluiden, ... Het loopvlak ziet er nog prima uit ook: geen sneetjes, geen putjes, niks van dat alles. Natuurlijk is na 6000 km de diepte van het profiel wat verminderd, maar deze band moet toch minstens 10.000 km meegaan.

Als achterband doet de Energizer het perfect. Daar is de functie natuurlijk ook anders, want het achterwiel zorgt voor de aandrijving, dus is er flink wat grip nodig om doorslippen te voorkomen.
Jammer genoeg kan de Energizer niet vooraan, want in 406 bestaan ze enkel in 47 mm en vooraan ben ik beperkt tot 42 mm.

zondag 14 juni 2015

Bagage op de Seiran 24

Probleemstelling

Wat nog moet opgelost worden, is de kwestie hoe ik banaantassen of grote fietstassen aan de Seiran kan bevestigen zonder dat ze de ketting raken. De combinatie van het compactere rekje met de Agu Yamaska Rack Pack is pico bello, maar gewone fietstassen of banaantassen blijken er niet op te passen.

Het standaardrekje is al een evolutie van het eerste dat Challenge maakte (het komt wat lager), maar het blijft problematisch met fietstassen. Je ziet op de foto dat de zijtassen van het Agu Yamaska Rack Pack net gelijk komen met de onderkant van het rek.


Thuis ligt een set Ortlieb Sport Packer Plus fronttassen, waarvan de onderste bevestiging veel lager komt dan het rek. Ik heb ook nog een setje Vaude Aqua Front, maar daarmee heb ik hetzelfde probleem. Beide tassen klapperen dus voortdurend tijdens het rijden. Om gek van te worden. Je kunt er natuurlijk een elastiek omheen doen, maar dat is toch maar een nepoplossing.
Daarbij blijft het volume van dergelijke fronttassen redelijk beperkt: 30l voor een paar tegenover 55l voor de Radical M tassen, da's goed de helft! 30l is voldoende voor gewone trips, maar te weinig als er meer mee moet. Een oplossing is dus nodig, indien ik de Seiran ook als echte toerfiets wil inzetten.

Dat beperkt dan weer de inzetbaarheid van de fiets. Er is dus één of andere vorm van "tasafhouder" nodig.
Een andere reden hiervoor: het standaard bagagerekje kan slechts 12 kg dragen. Voor een normale bagagedrager is de maximale belasting meestal 25 kg...

Oplossing van Challenge

Challenge heeft daarvoor het "Voyager Rack" ontworpen, waarnaar ik informeerde bij Elan.
Foto: Laidbackbikes
Hun antwoord - "kost € 170" - maakte duidelijk dat er een pittig prijskaartje aan hangt. Daar moet ik toch even over nadenken. De kans is klein, maar misschien is dit tweedehands te vinden?

Alternatief

Verschillende ligfietsers knutselden zelf afstandshouders in elkaar om banaantassen te kunnen gebruiken op hun fiets, maar dat lijkt me toch een probleem te worden met de Seiran. De ketting loopt namelijk overal onder de horizontale buis door, dus is er geen onderste punt om een buis op vast te zetten dat laag genoeg komt. Omdat de achterbrug, zoals bij veel liggers, geveerd is, kun je die ook niet als bevestiging gebruiken.

Het kan dus enkel erboven en dan heb je een stevige constructie nodig.

Kort:
  • optie 1 is € 170 spenderen aan een voor de fiets ontwikkelde drager voor vier tassen of een set banaantassen
  • optie 2 is een veel goedkopere, maar minder esthetische afstandshouder knutselen
Zoals ik merkte met de Kobra: die laatste optie kan even goed werken en het uitzicht is geen bezwaar, zo lang de tassen eraan hangen. Een keer ze zichtbaar zijn, is het een andere zaak. Ofwel moet je het quasi professioneel aanpakken, maar daarvoor ontbreekt de kennis en ervaring.

Bedenking

Hierboven vermeld ik de beperkte maximum belastbaarheid van het normale rekje - 12 kg - tegenover wat normaal is - 25 kg. Het is wel zo dat dit voor banaantassen niet van belang is, want die dragen voor het grootste deel op het zitje en dat kan natuurlijk wel wat meer aan.

zaterdag 13 juni 2015

Bandenwissel

De Seiran raakt stilaan aangepast aan mijn wensen. 

Afstelling

Na een week heb ik de helling van het zitje nog wat gewijzigd (iets rechter gezet) en de neksteun een centimeter lager gezet, omdat die teveel klappen tegen mijn hoofd gaf.
Dat rechter zitten is na een ritje van een goeie 60 km weer ongedaan gemaakt: ik zakte teveel naar voor/onder op het zitje. Of dat aan de vorm van het zitje ligt of aan het Ventisit kussen dat minder grip biedt, is moeilijk te zeggen. Het was in elk geval niet zo comfortabel.

Banden

De belangrijkst wijziging voor het comfort en rijgedrag was wel dat de 32-507 VeeRubbers vervangen werden door 40-507 Kojaks.

Kojak link, VeeRubber rechts
In vergelijking met ervoor is de Seiran een vliegend tapijt geworden. Bochten nemen gaat minstens even goed, maar het rijcomfort lijkt sterk verbeterd. In combinatie met de spatbordjes lijkt 40 mm toch wel bijna het maximum; wellicht kan 42 mm (of iets meer) ook, maar dan wordt het meten en passen om het spatbord perfect af te stellen zodat er geen contact kan ontstaan. Ik heb het nu, voor de Kojaks, al wat moeten bijstellen.
Rekening houdend met mijn voorliefde voor veldwegen zijn bredere banden welkom, zeker in de zomer op kurkdroge zandpaden.

Kojaks zijn niet altijd gelijk, zoals uit de volgende foto's blijkt.



Mijn exemplaren lagen al een poosje in het rek bij De Ligfiets en komen duidelijk uit verschillende generaties.
Er kwam wel een complicatie bij en een leerproces: na de bandenwissel bewoog de Seiran niet meer. De voorste schijf kwam namelijk permanent in contact met een remblok.

Muurvast
Dat betekende dus dat ofwel het wiel niet recht zat (was wel degelijk in orde) ofwel de remklauw opnieuw gecentreerd moest worden.
Gelukkig is er Youtube, waar ik duidelijke uitleg vond over het afstellen van Avid BB7 schijfremmen. Binnenkort zal ik de dikte van de remblokken ook even controleren.

Rijcomfort

Uiteindelijk is het belangrijkste het rijplezier. "Freude am fahren", zoals een automobielfabrikant het uitdrukt. Wel: de Seiran ligt me veel beter dan de Kobra, in die zin dat ik merk dat er veel meer kilometers mee afgelegd worden. Nu, met de nieuwe bandjes, zal dat nog meer het geval zijn. Mooi weer? Dan neem ik algauw toch de open ligger in plaats van de Orca, zelfs al doe ik langer over de rit. Het is een andere beleving en een beetje afwisseling is leuk. De Kobra is een prima lage racer, maar de Seiran is toch veelzijdiger.

Stabiliteit

De vorige eigenaar sprak vol bewondering over een vriend van hem, die het zelfs aandurfde om met één hand de Seiran te besturen. Zo'n opmerking werkt bij mij als een uitdaging. Jawel: het lukt zelfs om met de handen los te rijden! Niet echt comfortabel, niet echt lang (hooguit 100 m), maar hij is er stabiel genoeg voor (met de Kobra is dat niet mogelijk). Door de lange stuurstang merkte ik wel dat het gewicht aan het stuur dit sterk beïnvloedt: de gps eraan bevestigen is voldoende om dit niet meer te kunnen doen!

Snelheid

De conclusie blijft ongewijzigd. Challenge heeft blijkbaar op de 24" dezelfde cassette en kettingbladen gebruikt als op de 26", waardoor ik enkel het grootste voorblad gebruik en meestal in de drie hoogste versnellingen rij. Dat betekent 28 tot 33 km/u. Veel sneller lukt niet voor een langere tijd. Onlangs haalde ik wel kort een top van 42 km/u, maar dat hou ik niet vol. De Kobra is zonder enige twijfel sneller: 35 tot 40 was normaal, ook over vele kilometers.
Dit was trouwens te verwachten: de Seiran is een toerfiets, terwijl de Kobra als pure racer ontworpen werd.

donderdag 11 juni 2015

RIS? Neen, niet echt...

Ochtend, kort na 6u. Bij een blik naar buiten na het opstaan zie ik een staalblauwe hemel. Aan de voorkant van het huis schittert de zon. Ziet er mooi uit!
Dit wordt een Seiran-dag en dus even rust voor de E-Orca. Als ik dan, eens beneden, de gordijnen opentrek, blijkt de thermometer het niet eens te zijn met de zon: geen 10° C... Nu ja, het wordt wel warmer.

De rit naar het werk gaat vlot, echt vlot: op het jaagpad haal ik kruissnelheden tussen 32 en 40 km/u! In de spiegel zie ik een fietser me langzaam inhalen. Als hij langs me rijdt, blijkt hij op een full carbon tijdritfiets te rijden. Ik zet me in zijn wiel en ga mee: 38, 39 km/u. 't Is een beetje te hoog gegrepen voor mij. Tenslotte rij ik op een toer-ligfiets van pakweg 20 kg met 40 mm bandjes. Na een kilometer of twee los ik, maar dan merk ik dat ook de tijdrijder zijn tempo zakt. Op het moment dat onze wegen scheiden, pakweg 5 km verder, is hij nog altijd niet meer dan 200m op me uitgelopen. Het ging dus goed en die 38 km/u was uiteindelijk maar schijn. Eerst ik als haas voor hem en dan weer omgekeerd, maar het tempo was toch behoorlijk. Als de wind goed zit, kan ook de Seiran een wat hoger tempo aan (en ik ook).

's Avonds, op de weg terug, merk ik snel hoe dit komt. Een stijve bries, die ik nu recht op kop heb... Die 32 tot 40 km/u wordt nu 22 tot 30 km/u en dan nog met veel meer moeite. De Seiran rijdt wel aangenaam, maar een velomobiel heeft toch minder last van de wind!
Ik stop even om de windbreaker in de fietstas te stoppen en hoor een racefietser langs me razen. Als ik weer aanzet, zie ik hem om een bocht langs de Schelde verdwijnen, pakweg 500 m voor me. Stilaan pik ik m'n tempo weer op. Niet te snel, want die stijve bries voel je echt.

In de verte zie ik de racefietser voor me uit rijden. Langzaam loop ik op hem in. Niet met het doel hem in te halen, maar gewoon omdat ik in het juiste ritme zit, de snelheid variërend naargelang de wind voor tegendruk zorgt, maar toch net iets sneller dan de in witte lycra gehulde man voor me.
Op een bepaald moment zie ik hem over zijn schouder loeren. De aan een vast tempo rijdende racer verandert in een keirin-renner; zijn benen worden een waas; de trapfrequentie stijgt naar onwaarschijnlijke hoogten.

Foto: Velonews
Ik zie hem regelmatig achterom kijken: "zit die verdomde ligfietser daar nu nog altijd achter me?" Ondertussen rij ik op het gewone ritme door. De afstand verkleint, het traptempo van de racer verhoogt nog. Zijn knieschijven moeten zowat ter hoogte van zijn oren zweven. Is hij vergeten dat hij kan schakelen? Heeft hij geen versnellingen meer? 't Is duidelijk: hij wil niet dat ik hem inhaal.
Voor mij hoeft dat ook niet: ik zal me niet leeg rijden. Wie weet, misschien stopt hij een kilometer verder, terwijl ik nog 10 km te gaan heb. Doseren is belangrijk.

Dan nader ik de brug in Zwijnaarde, waar ik de Schelde over ga. En jawel: de keirinman volgt het scenario van de meeste Schelderijders. Hij keert aan de brug en raast langs me in omgekeerde richting, met de wind in de rug nu. In zijn ogen lees ik: "je kon me lekker niet inhalen". Neen, makker, dan deed ik niet, want ik wilde niet. Geen behoefte aan.

RIS? Je moet weten wanneer je eraan toegeeft.

maandag 8 juni 2015

Frontroutetrip - dag 5

Vandaag is het de laatste dag alweer voor mijn uitstap. omdat ik morgen weer aan het werk ga, moet alles dus opgeruimd zijn. Dat betekent dat ik tijdig thuis wil raken. Dat betekent ook weer niet dat ik de kortste en snelste route gekozen heb.


Iets na 9u vertrek ik van mijn laatste logeerplaats, in Oostduinkerke.

Eerst leidt de track me alweer langs de kust, van Oostduinkerke, langs Nieuwpoort, tot aan Middelkerke gaat het langs een duinenweg, heel rustig en prima geasfalteerd en vanaf daar rij ik over de dijk tot aan Oostende. Waar het kan, stuwt de rugwind me voort en haal ik een gezapige 40 km/u.

Vanaf Oostende gaat het landinwaarts. 

Elisabethlaan, Oostende: nog maar eens een versperd fietspad
Openrouteservice als planner heeft een voorkeur voor fietsroutes langs spoorwegen en kanalen. Ook nu gaat het langs de vaart van Oostende naar Brugge.

Ongeveer 15° C en rugwind: zalig fietsweer
Daar gaat het langs de rand van de stad - gelukkig, want Brugge is berucht omwille van de vele kasseistraten - naar de vaart van Brugge naar Gent.

Tussen Brugge en Gent staan weer overblijfselen, deze keer van de Tweede Wereldoorlog.


Hier bouwden de Duitsers landingsboten om Engeland te veroveren. Operatie "Seelöwe" is nooit doorgegaan, maar de bunkers staan er nog wel. Nu doen ze dienst als vleermuiskelders.
Zijwind, zon en een asfaltlint dat slingert langs het water. Voor een velonaut zijn dat bijna ideale omstandigheden. Enkel de lage temperatuur - 12° C is kil begin juni - is een domper.

Aan Aalter hou ik even halt om een broodje te kopen - het is ondertussen middag - en dan gaat het verder. Water links, weiden en akkers rechts, af en toe een boot op de vaart, dat is wat ik de hele tijd zie. Geen lekken deze keer, geen enkele averij, gewoon fietsen.


Voor 14u doe ik de garagepoort open. De trip is afgelopen, de indrukken blijven. Zo bouwt een mens een heel scala aan herinneringen op; zo leer je je eigen streek beter kennen. Rest nog het uitpakken van wat mee ging en dan moet aan het verslag gewerkt worden. Dat is zowel bedoeld als dagboek voor mezelf en als leesvoer voor wie het wil volgen.

Cijfers voor vandaag:
  • afgelegde afstand: 105 km
  • bewogen gemiddelde: 28 km/u
De volgende trip: Cycle Vision, op 200 km van huis, over enkel weken.