zondag 27 augustus 2017

Anders reizen

De voorbije maanden leerde ik veel bij, onder andere dit: het lijkt erop dat Frankrijk nu het land is waar op fietsvlak heel wat alternatieven uitgedacht en uitgetest worden. Dat gaat om andere benaderingen binnen het gegeven ligfiets - bijvoorbeeld een bamboe ligfiets met voorwielaandrijving - als om aandrijvingen en andere zaken.

Eén zo'n concept dat hier weer anders uitgewerkt is, leerde ik via Françoise kennen: een lichte en compacte 'fietscaravan'.

De basis is een tent (Kamp-Rite tent cot original) met een vaste structuur, die opvouwbaar is tot een compact pakket. (Foto's van Kamp-Rite)

De binnentent

Met buitentent erbij (kan zo opgevouwen worden)
Die tent wordt op een lichte, stijve aanhangwagen gemonteerd.
Philippe, een amateur-constructeur die we tijdens de vakantie bezochten, vond hiervoor een geniale, simpele oplossing: hij gebruikt een aluminium ladder van 2m als basis.

Françoise bestelde zo'n aanhanger bij hem en testte die uit tijdens een reis van 600 km: met een omwegje van bij mij thuis tot bij haar.

Tent opgevouwen op de aanhangwagen
Tent opgezet
Het geheel bleek heel praktisch. De rolweerstand was lager dan verwacht en het fietsen met een trike met aanhangwagen viel erg mee. Enkele keren reed ze 100 km per dag.
Het geheel - aanhangwagen, tent en bagage - woog ongeveer 40 kg. Omdat je de tent dichtplooit, heb je ook veel minder luchtweerstand bij het rijden.

Op de bovenste foto zie je dat we op de aanhangwagen enkele plastic kisten monteerden. Die werden met elastieken vastgelegd. De meeste reisbagage (en eten) werd in die boxen vervoerd. Zo kon alles overzichtelijk blijven. De kisten zijn waterdicht en bleken veel handiger dan fietstassen. Zo'n kist koop je voor 12 euro, dus duur is het ook niet. Hier worden ze bijvoorbeeld per 5 aangeboden, maar in de winkel kocht ik ze los.

Het voordeel van zo'n tent is dat die niet op de grond staat. Je hebt geen last van opstijgend grondvocht en de tent is in een halve minuut opgezet. Op de aanhangwagen zitten twee steunen die je openzet om het geheel te stabiliseren.
Je kunt op die manier kamperen waar je maar wil: op een camping, onder de kerktoren, langs een rivier... Opzetten en afbreken doe je in een mum van tijd. Als de boel nat zou zijn (regen), kun je onderweg de tent openklappen om die al rijdend te drogen.

Ze ondervond één nadeel met deze combinatie - die ik met de Orca met Radical Cyclone ook al merkte: twee trommelremmen zijn niet voldoende krachtig in de afdalingen. Op de Azub zijn het dan nog 70 mm trommels...

Een andere beperking, waar ik nog een oplossing voor wil zoeken: dit is een éénpersoonstent.

zaterdag 26 augustus 2017

Hij doet het weer!

Na de vakantie vervalt een mens snel weer in het jachtige ritme van elke dag. Werken, boodschappen, huishouden, tuin ... Het werd gauw duidelijk dat er geen tijd zou zijn om de Orca te herstellen, nadat die er de brui aan gegeven had.

Conclusie van André Vrielink toen ik hem er net voor de vakantie over berichtte: wellicht een gesneuveld freewheel...

De voorbije week werd de Orca in het busje geladen en naar Fietser gebracht. Ben zou zich erover buigen. Dat zou donderdag gebeuren.

Toevallig was ik donderdagnamiddag met de fiets in de buurt, dus ging ik even kijken zo tegen 17u. Hij was er nog niet aan begonnen, wegens allerlei onverwachte zaken tussendoor, maar er kwam net tijd vrij. We legden de Orca op de operatietafel en Ben haalde er eerst het motorblok af, om te kijken of er nog beweging zat in de ketting(en).


Ongelooflijk: we zagen meteen wat er aan de hand was. Om een ongekende, bizarre reden was de primaire ketting van het tandwiel gelopen. Dat kon je onmogelijk zien zonder de motor te verwijderen. De ketting er weer opleggen was enkele minuten werk.
Nadien verwijderde ik de beschermplaat op de bodem om de kettingloop van de primaire ketting na te gaan. De ketting is quasi nieuw (vorig jaar vervangen) en de kettingspanning was ook zoals het hoort. Alles liep zoals het moet. Onverklaarbaar dus, maar wel erg vervelend en niet zomaar onderweg op te lossen. Gelukkig was het op een uurtje gefikst.

De e-Orca is  weer geschikt voor de dienst. De komende tijd kan ik weer elke dag naar het werk fietsen in een redelijke tijd. De voorbije week deed ik dat enkele keren met de Seiran. Die rijdt stiller en het is net wat aangenamer als het echt heet is, maar ik doe er wel telkens een kwartier langer over.

zondag 20 augustus 2017

Terug!

Jawel: ik leef nog en er is nog altijd fietsnieuws.

Waarom het zo lang stil bleef: Jan was op reis. Drie weken Frankrijk, zo goed als zonder internet. Dat doet goed: even weg van de wereld. En er werd ook gefietst natuurlijk.

Dit is een beeld van een rit langs de 'Dolce Via': een tot wandel- en fietspad geconverteerde oude spoorlijn langs de Eyreux. In een volgend bericht vertel ik hier meer over.

En ja: je ziet twee ligfietsen. Dat is een gevolg van mijn fietsreis eind mei. Daar maakte ik kennis met Françoise: fervent ligfietster en sindsdien proberen we er samen wat van te maken.

Om die reden gingen op het kampeerbusje twee ligfietsen mee. Eerst naar Pralognan-la-Vanoise, midden in de Franse Alpen. Van daaruit maakten we enkele ritten met veel hoogtemeters.

Veertien dagen later reden we naar Le-Chambon-sur-Lignon in de Haute-Loire, aan de rand van het 'Parc Naturel Régional des Monts d' Ardèche'. Op één van de dagen daar reden we naar de top van een oude vulkaan: de Mont Mézenc. Ook daar werden héél veel hoogtemeters gemaakt. De Seiran bewees dat flink te verteren. Ik ook.
De rit langs de Dolce Via viel ook in die periode.
In de verte de Mont Mézenc. Dat was het doel.
De voorlaatste halte was de Drôme, vlakbij de Rhonevlakte. Onze fietstocht daar ging onder andere langs een schitterend versterkt dorp: Vaunaveys-la-Rochette.



De laatste etappe was thuis bij Françoise, in Lotharingen ('Grand Est' in het noordoosten van Frankrijk). Daar werd weer gefietst, langs het kanaal van de Marne naar de Rijn.



En de Orca? Die heeft er net voor de vakantie de brui aan gegeven. De komende week wordt daaraan gewerkt.

zaterdag 8 juli 2017

Rondje Frankrijk 2017 - chronologisch deel 6: langs oude wegen en tot aan de auto

Eindelijk het laatste deel van het reisverslag, ruim een maand nadat ik weer thuis kwam.

Chablis ligt ten noordoosten van Auxerre. Dat is waar ik wilde aanpikken op de pelgrimsroute, maar het wordt dus iets noordelijker.

In mijn hoofd doet dit iets: ik ben op de terugweg, het einde lonkt. Deze reis is anders verlopen dan ik verwachtte; de roes van het reizen is niet zo aanwezig. Een keer ik op de route zit, zie ik de afstand tot Châlons-en-Champagne en dan tot aan de auto. 'Enkele dagen nog,' denk ik.

Er zijn enkele redenen waarom ik besloot de trip een eind in te korten. Een E-Orca zonder enige bagage rijdt helemaal anders dan een die nokvol materiaal zit en waar nog een Radical Cyclone achter hangt. Dat was ik compleet uit het oog verloren. De woon-werk-ritten verlopen met een (bewogen) gemiddelde van meer dan 30 km/u; nu zit ik aan 22 km/u. Het algemene gemiddelde ligt een pak lager, want dit is reizen, dus er wordt geregeld gestopt om iets te bekijken, om een foto te maken.
Ook maakt de ongewoon hoge temperatuur de reis extra lastig. De inschatting tegen Arc-et-Senans, op de 'Groene Weg', was dat ik er niet zou raken; dat de hele trip iets te hoog gegrepen was.

Natuurlijk kun je ervoor kiezen om de reis toch te volbrengen. Mijn insteek is dat reizen leuk moet blijven. De zware belasting doet me de zaken anders bekijken. Het desolate van de 'Grand Est' is ook al een groot contrast met de vorige reis. Onderweg is er zo goed als geen contact met andere mensen, want die zijn er gewoonweg niet. Sommigen houden daarvan. Ik niet.


Typerend voor deze reis: 'mairie' (gemeentehuis) en dorpsschool, allebei al lang leeg en verlaten
Kort gezegd: er schort wat aan de motivatie.

Goed. De rit noordwaarts, daar gaat het hierom.

2 juni

Deze keer gaat het zoals gepland. De tent staat goed opgesteld, met schaduw de avond ervoor en nu in een heerlijk zonnetje om op te drogen.
Na een korte aanloop vanaf het Lac de Panthier pik ik aan op de route. De Oregon probeert me weer op het verkeerde been te zette: zodra ik op de route kom, geeft hij nog 756 km aan tot Châlons-en Champagne... Heb ik dit zo fout ingeschat? Zo ja, dan kom ik in tijdsnood.
Plots verspringt de resterende afstand van de track naar 488 km en als ik Troyes nader, zijn het er maar 100 meer! Ik heb er intussen de kaart en wegenatlas bijgenomen en zo zag ik dat die afstanden niet klopten. De reden? Geen idee.

Het landschap is ondertussen vertrouwd: glooiend, slingerend, bijna altijd door landelijk gebied. Sporadisch kruis ik een auto of wordt ik door één ingehaald, met een frequentie van 1 of 2 per uur. Dorpen zijn of lijken leeg, buizerds zweven door de lucht, waar je ook kijkt.
Af en toe rij ik langs of over een traagstromend riviertje, met bloeiende waterplanten. Dit is mooi. Dit is genieten.

Het schiet echt op. Ik heb ook geen zin om er het maximum uit te halen. Troyes blijkt een verrassing te zijn: een historisch centrum vol houten huizen. Het stadje moet enkele eeuwen geleden stilgevallen zijn, waardoor dit nog echt middeleeuws oogt. Dit wil ik nog wel eens komen bekijken bij gelegenheid.



De kaart wordt er weer bijgenomen, samen met de Archies database met campings. Het wordt er eentje langs het Lac d'Orient. Dit ligt een tiental km oostelijk van de route, maar dat maakt niet uit.

Lekker relaxed worden tent en tarp opgezet.



Met een glas rosé erbij vlei ik me neer in het kampeerstoeltje en geniet een flinke poos van het aangename weer, ondertussen een boek lezend. Af en toe komt een nieuwsgierige campinggast - uiteraard logerend in een mobilhome - de Orca en uitrusting keuren. Er volgen gesprekken met o.a. een Duitser die op tocht is, een Zuid-Afrikaans koppel dat Frankrijk verkent...

Bij het aankomen had ik gezien dat aan de overkant van de weg een snackbar te vinden is. Tegen 19u ga ik daar een hap eten. Deze keer worden gelukkig heel wat groenten geserveerd.

Er is regen aangekondigd, dus alles wordt zorgvuldig opgezet. Alle stormkoorden worden aangespannen, het Tyvek grondzeil wordt zo gelegd dat er zo weinig mogelijk kans is dat er water tussen dat zeil en het grondzeil van de tent terechtkomt.
Als ik me 's avonds in de tent terugtrek, worden de Orca (met dakje) en Cyclone (met regenhoes) zo ver mogelijk onder de tarp gezet.
De voorzorgsmaatregelen zijn niet tevergeefs, want er valt een flinke bui. In een tent klinkt dat altijd nog spectaculairder.

In het totaal zijn nu 1084 km afgelegd.

3 juni

Het plan voor vandaag: de track volgen tot aan het eindpunt. Dat is Châlons-en-Champagne. Daar schakel ik over naar de track die me naar de auto moet leiden. Vandaag poog ik tot in de omgeving van Reims te raken.
Het weer is 'normaal'. De temperatuur bedraagt een goede 20 graden, de zon schijnt geregeld, maar af en toe zijn er bewolkte periodes. Prima reisweer voor de velomobiel.

In Châlons-en-Champagne verlies ik dik een half uur, want volgens de track - die origineel in omgekeerde richting opgemaakt is - moet ik door enkelerichtingsstraten waar ik niet in mag. Het wordt flink zoeken, want de grote wegen lijken onderling niet verbonden. Uiteindelijk blijkt dat ik een klein straatje tussen twee uitvalswegen nodig heb. Dat leidt me door een militair domein - gelukkig via de openbare weg - en zo rij ik naar l'Epine. Dat dorp zie je al van ver: het staat op een heuveltop en wordt overheerst door een gigantische kathedraal, compleet buiten verhouding tot de rest van het dorp. Ook dit is weer een overblijfsel van de hele handel rond de pelgrimsroute. De kerk moet hier eeuwen geleden flink aan verdiend hebben!

In l'Epine zet ik me op een terrasje, terwijl de accu aan de lader gaat. Deze keer komt een gepensioneerd Australisch koppel me wat informatie over de Orca vragen. De kaart en atlas worden naast de gps gelegd. Dan blijkt dat beide tracks niet echt naadloos op elkaar aansluiten: ik had in Châlons-en-Champagne moeten overschakelen. Nu zit ik een flink eind te oostelijk.

Via een grotere 'route départementale' keer ik snel terug naar het startpunt van de volgende track. De ondersteuning staat voor een keer op 'normal' en het tempo gaat omhoog naar 30 à 35 km/u waar het vlak is. Hier is meer verkeer, dus ik moet opletten.

Daarna gaat het richting Reims. Nu zit ik in het hart van de Champagnestreek. Net zoals in de Bourgogne rij ik tussen hellingen vol druivelaars. Ook hier hangt de - letterlijk - adembenemende geur van zwavel.

Archies stuurt me naar een 'camping municipal' in Val-de-Vesle. De Oregon doet nog maar eens moeilijk: als ik de route bekijk naar de camping, moet ik een helling op naar het champagnedorp Verzy, waar ik weer enkele kilometers bergaf moet om dan parallel aan die route weer naar boven te rijden. Dat lijkt me niet logisch.
Ik schrap de route, kies de camping opnieuw en deze keer krijg ik een ander resultaat, dat er realistischer uit ziet.

Als ik er aankom, staat onder de verwelkoming de melding 'complet'.


Dat kan toch niet? Aan de receptie blijkt dat er voor een eenzame fietser met een tentje toch nog een plekje te vinden zal zijn. De receptioniste stapt op haar fiets en leidt me naar de plek. Onderweg zie ik heel wat lege 'emplacements'. Hoezo 'complet'?

Deze camping is geen aanrader. De andere gasten zijn luidruchtig. De reden is snel duidelijk: op en naast veel caravans en mobilhomes staat een hele batterij lege champagneflessen. Hier vind je geen reizigers, wel mensen die zich als doel gesteld hebben zoveel mogelijk champagne te drinken, gecombineerd met uitgebreid barbecuen. In tegenstelling tot de in Vlaanderen wijd verspreide mening dat Nederlanders verschrikkelijke campinggasten zijn, blijkt het hier om bijzonder luidruchtige Belgen te gaan. Ze amuseren zich wel.

zondag 4 juni

Dit wordt de laatste dag van de fietsvakantie. Nog een goede 100 km naar waar de auto staat. De vrienden zijn thuis; ik geef ze een seintje dat ik er na de middag zal zijn.
's Morgens zet ik een thermos vol verse koffie. De ontbijtgranen zijn op, de melk ook. Onderweg stop ik  bij een bakker in Reims voor een paar vers gebakken croissants. Wat verder zet ik de Orca opzij en ontbijt langs de weg: lekker verse koffie met echte Franse croissants. De fietsvakantie moet in stijl eindigen.

Die laatste dag is er voor mij vaak teveel aan. Het eindpunt lonkt en dan moet het snel gaan. In deze omgeving is het ook drukker. Daarnaast heb ik de Oregon zelf een route laten berekenen: korter, maar langs drukkere, grotere wegen. De verkeersdiscipline blijft wel dezelfde: automobilisten geven me ruim baan en geregeld wordt gewuifd van achter de voorruit. Dit is helemaal anders dan in België, dat is telkens weer duidelijk te merken aan het verkeersgedrag.

Na een tijd wijkt de route weer af van die départementales en gaat het langs kleine slingerwegen. De namen van de gemeenten klinken me bekend in de oren: ik nader het doel.

Bijna op de bestemming
Uiteindelijk, zo rond 14u, ben ik bij het einddoel. 'Mission accomplished'. Niet helemaal, maar toch grotendeels.

Nu kan ik beginnen denken aan de aanpak voor de zuidelijke helft van Frankrijk. Dat is voor de komende jaren. Dat zal ook helemaal anders verlopen, verwacht ik, maar daarover vertel ik later meer.

vrijdag 7 juli 2017

Flevobike Orca - nieuws

Woensdagavond kwam iemand de Orca bekijken. Neen: ik ga hem niet verkopen, maar Seb wil zelf ook een velomobiel en de E-Orca is een zeer waarschijnlijke kandidaat. Alleen: op dit moment kun je die niet testen bij Fietser.be omwille van de productiestop en omdat Flevobike de prijzen herberekend heeft. Nog even geduld dus.

Testen ging niet: Seb is minstens een een kop groter dan ik en een Orca 'even' afstellen zit er niet in. Het zitje verzetten gaat makkelijk, maar de trapas is een ander verhaal...

Enfin, hij zei me dat de prijs nu weer te vinden is op de Flevobike site. Hij had gelijk!


Er zijn wel wat zaken veranderd.

Het belangrijkste is dat er nu een ander type accu gebruikt wordt voor de ondersteuning: de 36V (eigen) Flevobike accu is verdwenen. Nu wordt een 48V accu gebruikt van een externe fabrikant. Belangrijk is ook dat de capaciteit verhoogd is van 500 naar 678 Wh (14,5 Ah). De actieradius is dus groter geworden.

Van de 70 mm trommelremmen is geen spoor meer: nu is 90 mm de standaard geworden. De accu voor de verlichting is nu meteen 12V. Vroeger werd als basis een 6V systeem aangeboden, maar in de praktijk werd het steeds 12V.

De basisprijs bedraagt 8.550 euro, maar je moet bedenken dat je er voor die prijs meteen een Rohloffnaaf bij hebt. Daarnaast heb je nog heel wat opties, waarbij de ondersteuning de belangrijkste is. Naar mijn mening is die bij een Orca onontbeerlijk.

De bron: Flevelo Duitsland en Flevobike.nl

donderdag 29 juni 2017

Typisch...

Een korte anekdote zonder beelden.

Deze week, op weg van het werk naar huis, rij ik - zoals gewoonlijk - op een lange, rechte weg in de bebouwde kom (Fraterstraat in Merelbeke). Er ligt een fietspad dat ik nooit gebruik: klinkers, terwijl de rijweg met nieuw asfalt bedekt is, dubbelerichting maar veel te smal, onveilig, want met hoge hagen erlangs en hier en daar een zijstraat.

Een heel eind rijdt een auto vlak achter me en geregeld knippert de automobilist met de koplampen. Het signaal is duidelijk: hij vindt dat ik in de weg rij. Na enkele honderden meters ben ik het moe, stop op de weg, stap uit en ga naar zijn auto.

'Wat is er mis met het fietspad,' vraagt de man. Nou, veel, maar dat zal ik allemaal niet uitleggen. De essentie is dat ik daar met de velomobiel niet moet rijden.
Ik besluit hem even te provoceren: 'niets, maar wat doet u denken dat ik daar moet rijden?'
'Je rijdt toch met een fiets? Dus moet je daar rijden'
'Neen, meneer, volgens de wegcode is dit een rijwiel. Daarmee rij je best op de rijweg en niet op het fietspad.'

Hij kon niet veel anders meer zeggen dan: 'ok, rij dan maar verder', wat ik natuurlijk wel van plan was.

Soms wordt je het echt moe, die mensen die menen je terecht te moeten wijzen terwijl ze gewoon fout zijn. Meer nog: ze vinden vooral dat je in de weg rijdt, maar verwoorden het meestal anders. Er is nog veel werk aan de verdraagzaamheid in het verkeer. De laatste tijd zijn vooral de fietsers de kop van Jut.

zondag 25 juni 2017

Rondje Frankrijk 2017 - veranderingen tegenover 2014

De Xperia ZR accu heeft er de brui aan gegeven. Daarop staan nog foto's die horen bij het laatste deel van de reis. Daarom verandert de volgorde wat en komt eerst een post over de uitrusting.

Inleiding

In 2014 reed ik de eerste keer een 'rondje Frankrijk'. Toen was het via de Normandische kust naar Bretagne en via 'Loire à vélo' weer naar het noorden. Ook toen was het met de E-Orca en Radical Cyclone. Op basis van de toenmalige ervaringen wilde ik nog wat aanpassingen doen.

Zitje

Af en toe wat comfort is mooi meegenomen. Een zitje, om te lezen, om comfortabel te eten, stond al een poosje op de verlanglijst. Het werd een kopie van de alom geprezen Helinox.
In Lunéville had iemand een originele Helinox bij. Het enige verschil dat ik vond, was dat het merk er bij mijn stoeltje niet op stond... (en de prijs, uiteraard)


Dezelfde foto komt straks terug. Hier zie je het zitje (rechts) staan.
Dit jaar werd het zitje voor het eerst meegenomen en ik moet zeggen: dat had eerder gemogen. Het voldoet helemaal aan de verwachtingen. Licht (minder dan 900g), compact en comfortabel; wat wil je nog meer? Bovendien past het dwars in de Cyclone.

Radical Cyclone

Eigenlijk heb ik niet veel veranderd. De reisconfiguratie viel erg mee de vorige keer. Het belangrijkste nadeel dat ik toen ervaren had, was dat het soms flink zoeken kon zijn om iets te vinden in de Cyclone. Die is in essentie niets meer dan een grote reistas op wielen. Daar gooi je - bij wijze van spreken - alles in wat mee moet.


Hier staan de wielen achteraan, bedoeld om mee te stappen.
Een eerste nadeel was dat de bagage soms de neiging had om schuin te zakken. Dan kwam de tas scheef te hangen op het frame en zo bestond het risico dat een zijkant tegen een band zou schuren. Dat is dan ook enkele keren gebeurd. De sporen hiervan zag ik ook al op andere Cyclones. Niet goed. Niet voor de band en nog minder voor de tas. Een Cyclone is prima materiaal, maar duur. Daar wil ik dus zorg voor dragen.

Een bijkomend probleem is dat de spullen snel door elkaar zitten. Gewoonlijk zit wat je zoekt op de minst bereikbare plek. Dan moet je eerst de kar leegmaken om aan datgene te kunnen dat je nodig hebt. Niet handig en al helemaal niet als het regent. Dat moest dus beter kunnen.

De oplossing voor dit jaar was eenvoudig en, wat mij betreft, ideaal: ik gebruikte een vouwkrat (foto hieronder). Het is vrij makkelijk om de spullen daarin goed te organiseren. Alles wat met koken en eten te maken had, kon in het kratje. Dat vereenvoudigde de zaken heel erg.

Extra voordeel: omdat zo'n krat een stijve bodem heeft, zakt de boel niet zo door (in de Cyclone zit geen vaste bodem, enkel een frame rondom). De zaak kon ook niet schuin zakken.
Als je de kar enkel vult met licht, volumineuze zaken zoals fleece, slaapzak en dergelijke, vormt dat geen probleem. Compacte dingen met meer massa, zoals flessen water, een gasvuurtje en dergelijke, zijn dan weer belastender.

Tafel

Ook ging ik op zoek naar een 'tafel'. Om te koken, te ontbijten, koffie te zetten ... is het makkelijker om niet op de grond te moeten werken. Luxe, ik weet het, maar wel aangenaam. Het moet efficiënt, stevig en licht zijn, want je kunt natuurlijk geen hele tafel meeslepen. Het overkomt me wel eens dat er plots een simpel, maar - al zeg ik het zelf - geniaal idee ontstaat. Wat heb je nodig voor een tafel? Een blad en een onderstel. Wel: dat onderstel zat al in de fietskar, in de vorm van de vouwkrat. Het enige wat nog nodig was, was een blad. Een plaatje in multiplex van 8 mm dik was de oplossing. Ik zaagde het op maat, zodat het een bodem vormde in de voorste helft van de kar.


De nieuwe onderdelen: MPX plaat en vouwkrat

Zo ongeveer komt dit in de kar
De krat steunde dan met de voorkant net op die plaat (andere zaken legde ik ervoor) en met een zijkant op het frame. Als er gekookt werd, moet de krat er toch uit en dan kan ik makkelijk aan de plaat.

Het systeem werkt prima!

Tarp

Ook ging deze keer de tarp mee met maar liefst drie palen. Eén heb je zeker nodig om de tarp op te stellen, want er zijn niet overal bomen om een lijn aan te bevestigen. De twee andere kon ik gebruiken om één kant hoog open te zetten. Achteraf gezien deed ik dat amper, dus die twee extra (aluminium) palen waren eigenlijk overbodig.


De 'comfortopstelling': tent, tarp en stoeltje

Tent

Jaren geleden kocht ik mijn tent: een Vaude Mark 2 L (Mooi geel vindt dit tentje ook niet lelijk).
Da's een prima tentje voor de prijs, maar zoals bij veel tenten moet je ook hier opletten met het grondzeil.
De verbetering was de 'footprint': een strook Tyvek vlies. Dat is prima materiaal: quasi onverwoestbaar, licht, compact op te vouwen en prima om het toch kwetsbare grondzeil van de tent te beschermen. Een stuk Tyvek kost amper wat - in dit geval was het overschot van een rol die gebruikt werd als dampscherm in een dak - en is makkelijk te vervangen. Als je grondzeil sneuvelt, ben je aan een andere tent toe in veel gevallen.

Geluid

Ook had ik een actieve luidspreker mee. Een TDK Trek Max. Die zat achterin de Orca.



Verbinden met de smartphone - met rds-radio en uiteraard mp3-speler - kan zowel met een kabel (3,5 mm jack) als met bluetooth. Draadloos is het makkelijkst, maar het vraagt veel meer energie. De verbindingskabel had ik klaargelegd, vanaf de telefoonhouder tot aan de speaker.
Een eerste nadeel: zo'n Trek Max klinkt voor een bluetoothspeaker heel behoorlijk. Dat komt doordat hij vrij groot is (meer en betere lage tonen door het volume) en zwaar: 1,2 kg.
Een nadeel van deze speaker is dat hij met een specifieke lader geleverd wordt. Laden via usb kan niet: je hebt 230 V nodig. Dat blijkt bij meer speakers met een wat hoger vermogen het geval.

Achteraf bleek dat ik het ding amper gebruikt heb. Mocht ik hem niet meegenomen hebben, dan had ik hem ook niet gemist. Onderweg naar muziek luisteren doe ik niet en op de camping wil ik niet iedereen laten horen hoe goed mijn muzieksmaak is, dus ook daar heeft hij bijna nooit dienst gedaan. Ik had gewicht en volume kunnen besparen door de Trek Max thuis te laten. Dat was zowat het enige overbodige stuk bagage.

Energie voor de smartphone

In een Orca zit een 12 V LiIon accu met een capaciteit van 6,75 Ah. Er is ook een usb-voeding voorzien. Ik legde dus een kabel vanaf die voeding tot aan de houder voor de smartphone, zodat die onderweg geladen kon worden. De 12 V accu heb ik onderweg één keer moeten opladen.

Foto's

 Ik had het me vast voorgenomen: deze keer zou de digitale reflex (DSLR) meegenomen worden. Een Nikon D7000. Dit is niet het nieuwste, maar het toestel voldoet ruimschoots. Daarbij hoorden voor de reis twee objectieven: een Nikkor 18-200 en een Sigma 8-16/4,5-5,6.
De 18-200 is een zogeheten 'reisobjectief': niet de beste kwaliteit, maar wel met een groot bereik. Daar kan mijn Xperia telefoon niks tegen, maar die is wel veel compacter. De Sigma was erbij voor specialere zaken. Ik heb hem echter niet vaak gebruikt: het bleek dat de sensor in de D7000 vuil is. De grote scherptediepte van die extreme groothoek maakte dat extra zichtbaar. Bijgevolg moest elke foto die daarmee gemaakt was grondig geretoucheerd worden.



Is het de moeite waard om zo'n grote, zware camera mee te nemen? Ik vind van wel, maar ik hou nu eenmaal van foto's maken en wil toch een behoorlijke kwaliteit. Het is niet de bedoeling om hierover een discussie te starten (mocht ik herbeginnen, dan kocht ik wellicht een systeemcamera), maar tegenover de andere beschikbare toestellen (Sony Xperia ZR telefoon en Fuji X20 'edel' compact) is er een verschil in flexibiliteit.
De Nikon zat in de rechter Radical tas, binnen handbereik. Als alternatief werd al rijdend de Xperia gebruikt. Die zit in een Minoura houder, net onder de kap.