Posts tonen met het label Challenge Seiran 24. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Challenge Seiran 24. Alle posts tonen

maandag 30 april 2018

Te koop - for sale - a vendre: Seiran 24 tour (gereserveerd)

Ongetwijfeld zullen er (lig-)fietsers zijn die het niet met me eens zijn, maar blijkbaar kan een mens teveel fietsen hebben...

Omdat een fiets niet dient om stof te verzamelen - tenzij, misschien, in een museum - en omdat ik er niet meer toe kom ermee te rijden, mag de Seiran de deur uit.



Standaard gaat het hierom: een Seiran 24 in toerversie. Door de 24" (507) wielen geschikt voor de kleine en middelgrote medemens (nu afgesteld op 1m70).

'Toerversie' betekent 
  • een aluminium zitschaal
  • spatborden
  • 3 x 9 versnellingen
  • bagagedrager
  • zoals te zien op de foto: met bovenstuur
  • standaard achtervering met instelbare veerspanning
De beschrijving van Challenge zelf vind je hier.

Voor wie het interesseert, volgt hieronder een wat uitgebreidere technische beschrijving.

Aandrijving

  • voorderailleur Shimano Tiagra
  • achterderailleur Shimano XT
  • cassette SRAM PG 980
  • draaiverstellers SRAM Attack
  • remmen Tektro BB7 (mechanische schijfremmen)

Verlichting

Dit voegde ik nadien toe. Er werd een voorwiel gebouwd met een Shutter Precision SD-8 naafdynamo. Zeer licht, hoog rendement en compact.


De componenten van het voorwiel
De koplamp is een uitstekende Busch und Muller Luxos U. Ruim voldoende licht, een brede, afgekapte lichtbundel en daar bovenop een usb-aansluiting om gsm of gps onderweg bij te laden. Handig is ook de aanduiding voor een functionerend achterlicht.



De bedrading is in het frame weggewerkt.

Het achterlicht is eveneens van Busch und Muller: Toplight Line Brake Plus. Anders gezegd: een goed zichtbaar achterlicht met remlichtfunctie (reageert op de naafdynamo).


Toeraanpassingen

Het bagagerek was niet geschikt voor banaantassen. Challenge (nu Elan) kan als optie een 'Voyager Rack' leveren, maar dat vond ik heel erg duur (€ 170). Daarom fabriceerde ik tasafhouders in aluminium. Bevallen die je niet, dan kun je ze er afhalen zonder sporen na te laten.



Verder kwam er een zijstandaard op, op de achteras gemonteerd.



De banden die er bij de aankoop op zaten (V-rubber 35-507 - de 'racebanden' die Challenge toen leverde) krijg je erbij. Ik monteerde Kojaks (40-507), die meer in de smaak vallen.

Extraatjes

Op de achtervork bevestigde ik een Axa ringslot met een extra ketting om de fiets vast te leggen. Zo kun je de fiets met een gerust hart ergens vastzetten. Slot en ketting gaan mee met de fiets.

Er hoort ook nog een Radical tas bij. Die is niet 'als nieuw', maar perfect bruikbaar. Ook deze kan meegeleverd worden (zonder meerprijs).

Wil je weten hoe snel je rijdt? Op het stuur zit een (draadloze) Sigma BC 12.12 fietscomputer.

Nog enkele foto's van verschillende configuraties, afhankelijk van het soort trip.


Met Radical toptas M
Ortlieb ligfietstassen: hier dienen de tasafhouders voor
Voor alle duidelijkheid: de Ortliebs blijven hier. Die kregen een plekje op de Thorax trike.

Er hoort ook een bijna onverslijtbare Ventisit mat bij, net als een Ventisit nekrol.

Prijs

Dat hoort er natuurlijk ook bij. Omwille van enkele prijzige verbeteringen ligt die prijs wat hoger.

BuM achterlicht kost € 40
BuM koplamp kost € 190
Shutter Precision SD-8 is € 120 waard

Dus wil ik graag 900 euro voor al dit moois.

dinsdag 10 april 2018

N-x

Het moest er eens van komen: teveel fietsen!

De E-Orca hoort dat zeker niet bij. Die wordt bijna op elke werkdag gebruikt om naar het werk te fietsen. Na dik vier jaar blijft hij het prima doen. Ook de recentste aanwinsten - Thorax Tangens trike en Heinzmann PAN pedelec - worden geregeld gebruikt.

Bukfietsen

Wat 'bukkers' betreft, heb ik er drie in de stal:
  • de oude Trek 7320 toerfiets
  • Heinzmann pedelec
  • Birdy Speed
De Birdy valt een beetje buiten het gewone, want die gebruik ik vooral in combinatie met treinverplaatsingen. Dat is al een poosje geleden, maar dat is het doel.

Sinds die pedelec in huis kwam, heeft de Trek amper gereden. Die is dus overbodig geworden en daarom gaat hij weg. Mooi cadeautje voor de schoonzoon, die nu op een afgeragde eenvoudige stadsfiets rijdt. Je kent ze wel: stoere mountainbikelook, maar met goedkope componenten. De Trek is even oud als zijn vehikel, maar in veel betere staat en met een andere kwaliteit van componenten uitgerust. Ook dat is het gevolg van de nood tot verbeteren. Zo is de originele Shimano Alivio-groep met draaiverstellers al binnen het jaar vervangen door een oerdegelijke SRAM X9 met triggershifters. Wat wel pleit voor het originele materiaal, is dat de ondertussen 14 jaar oude naafdynamo het nog steeds doet, zonder het minste probleem.

Ligfietsen

En dan is er nog de Seiran. Ik denk niet dat die nog buiten de garage zal komen sinds de Thorax Tangens erbij gekomen is.
De conclusie ligt voor de hand: de Seiran wordt verkocht. Ik moet wel nog even bedenken of ik hem verkoop in de huidige staat, bijvoorbeeld met de prima Bumm Luxos U erop, of in een eenvoudiger setup.




Volgens de recentste prijslijst van Challenge (2011) kostte die toen bijna 2.500 euro. Dat was met wat opties:
  • Shimano XT derailleur
  • all round pakket met spatborden, BB7 schijfremmen en standaard
  • hoofdsteun
  • Radical toptas M
Daar kwam later het volgende bij:
  • een nieuwe voorwiel met een Shutter Precision SD-8 naafdynamo
  • BuM Luxos U koplamp (met usb-oplaadpoort voor gps of telefoon)
  • BuM Line Brake Plus achterlicht met remlichtfunctie (op de naafdynamo aangesloten)
  • tasafhouders voor ligfietstassen 
Het valt af te wachten wat dit moois nog waard is. Ik heb ook geen idee van de ouderdom van de fiets, maar hij verkeert wel in prima staat.

Andere fietsen

Op zolder staat nog een 'project': een Giant Easybike waarvan de versnellingsnaaf defect is. Wat ik daarmee zal doen, moet nog beslist worden.

zondag 17 september 2017

Fijnafstelling

Geregeld wordt ook de Seiran gebruikt. Enkelen merkten het al op en zelf vond ik het ook niet alles: ik moet grote stuurbewegingen maken en daardoor lijkt de fiets ook niet erg stabiel. Niet goed, niet handig.

Nu heb je bij ligfietsen voornamelijk twee stuurtypes: boven- of onderstuur. Een bovenstuur kun je vergelijken met een helmstok op een boot: door het ding naar links of rechts te bewegen, stuur je. Hoe langer de helmstok, hoe groter de hefboom. Je kunt dus meer kracht zetten, maar de prijs die je daarvoor betaalt, is dat je een grotere beweging moet maken. Eigenlijk is dat helemaal niet nodig.

De oplossing

Dat was dus het probleem: de afstand tussen de stuurhendels en het balhoofd was te groot naar mijn zin. De helling van de stuurstang werd verminderd, waardoor de afstand al verkleinde, en de lengte ervan bracht ik tot het minimum terug.

Stuurstang bijna op de kortste stand

Hellingshoek aangepast

Het resultaat: een rechtere en kortere stuurstang
Het resultaat: ik rij stabieler. Soms zit het in een kleinigheid.

Voordelen

Dat is al gezegd: stabiliteit. Ik hoef minder te corrigeren of de correcties vragen een kleinere stuuruitslag. Goed voor de rust. Op langere afstanden maakt dat rijden ook aangenamer.

Nadelen

Tja, die zijn er ook.
Omdat het stuur rechter staat, zitten de kabels meer in het zicht. Ik zou dit kunnen oplossen door het zitje rechter te zetten, maar dan neemt de luchtweerstand algauw toe. Daarenboven voel ik me comfortabeler als ik wat platter lig. Alles is relatief, natuurlijk: op een Seiran Tour lig je nooit echt plat.
Mijn knieën en bovenbenen passeren dichter langs de stuurstang, waardoor ik algauw de kabels raak. Misschien kan ik de bevestigingen wat aanpassen om dit probleem op te lossen. De tijd moet uitwijzen of ik dit echt nodig acht.

vrijdag 23 juni 2017

Het was warm...

Het is ondertussen zomer geworden. De dagen zijn lang, het is al een flinke tijd erg droog. Dat betekent dat er behoorlijk wat werk te doen is in de tuin; dat tot 's avonds laat buiten gewerkt wordt.
De dagelijkse huishoudelijke taken zijn er ook weer bij.

De reis is afgelopen; aan de dagelijkse routine valt niet te ontkomen. Met zo'n weer en een tuin die tijd opeist, wordt de blog wat verwaarloosd.
Ik werk aan nog enkele posts over de fietsvakantie; die volgen binnenkort. Beloofd. Tussendoor gaat het even om iets anders.

De voorbije week was snikheet. Vijf dagen na elkaar meer dan 25°; meerdere dagen meer dan 30° C. Dat zijn we hier niet gewoon, zo'n hittegolf.

Voor donderdag was aangekondigd dat het kwik tot 35° C kon stijgen. Op zo'n momenten geef ik de voorkeur aan de Seiran. Lekker koel in de rijwind. Bovendien kan ik op de terugweg van het werk voor de rechteroever van de Schelde kiezen. Door de staat van het wegdek is dit niet echt een optie met de Orca, maar met een enkelsporige fiets is het prima te doen.

Op de weg terug betekent de rechteroever dat ik in de schaduw van de bomen kan blijven.


Sinds ik 's morgens thuis vertrokken was, is de wind aangewakkerd en van richting veranderd. Ook dat is mooi meegenomen, want ik heb de wind in de rug.
Het is te warm om omwegen te maken, dus wordt het de kortste weg naar huis: 22 km ongeveer, op het heetste van de dag.

De Seiran is af en toe een aangename afwisseling. Veel stiller dan in de Orca (die is niet echt luidruchtig, maar het blijft een velomobiel) en je beleeft de omgeving meer. Het tempo ligt lager; de lighouding is verschillend en het rijgevoel eveneens.

Voor volgende week wordt wisselvalliger weer voorspeld, met heel wat kans op regen. Dan gaat de voorkeur natuurlijk naar de beschutting van de velomobiel.

zondag 14 mei 2017

Hillbilly toer


Uitdaging

Het lijkt erop dat veel ligfietsers een aversie hebben tegen hellingen. Meer nog: in bepaalde kringen wordt met grote stelligheid beweerd dat je met een ligfiets niet kunt klimmen...

Om die groep hun ongelijk te bewijzen, organiseerden we met WOL een 'hillbilly toer', waarbij we geen enkel grens schuwden: geen beperking in hellingsgraad en zelfs geen taalgrens.

Aanloop

Na een eerste, mislukte, verkenning volgde vorige week een tweede. Gisteren, 13 mei, reden we dan die rit. De aanmeldingen maakten het al duidelijk: er waren er genoeg die hier zin in hadden!

Deelnemers

Helen had pech: de voorkeur ging naar open ligfietsen, maar zij beschikt 'slechts' over een eWAW. Geen discriminatie, dus Helen reed mee met haar bolide. Voor de rest waren er de volgende deelnemers en fietsen:
  • Wouter 'Spruitje' Delanote met zijn High Baron
  • Tom Goeman met een Challenge Seiran SL
  • Ronny 'Ronnius' Van Huffel met een ondersteunde HP Streetmachine
  • Jan 'CapoJan' Goddemaer met een Challenge Seiran 24
  • Eric 'erde' Deley met een Challenge Trike
  • Bart 'BeeCee' Colson kwam met een HP Skorpion (met Bafang ondersteuning)
  • Helen Vanderspiegel met de eWAW
Relatief veel volk dus en iedereen had het erop.


Helen haar BMWaw achter de andere BMW
Streetmachine en Seiran 24 achterop het busje

De rit

Zoals ik het aangekondigd had, werd het een 'technische' rit: veel op- en afschakelen en een prima oefening voor de bochtentechniek. Trage, klimmende bochten en andere aan hoge snelheid in afdalingen. Het was vooral een schitterende toer: rustige wegen in voor bijna iedereen ongekend gebied. De Vlaamse Ardennen zijn bij WOL gekend, maar het 'Pays des Collines', bij onze Franstalige landgenoten, is dat niet.

Bij zo'n rit rij je in een losvast verband: bij elke klim en afdaling gaat iedereen aan eigen tempo verder. Het is pas aan het volgende kruispunt, op de top van een helling of in een dal, dat je weer samenkomt.


De laatste voorbereiding
Soms is het hard werken: de steilste helling die we bedwongen, had een hellingspercentage van net boven 10 %. Die weg liep niet recht, maar slingerde omhoog tot aan de grens van Flobecq/Vloesberg. Als je al 50 km in de benen hebt, wordt dat toch wat zwaarder.
De snelste afdaling haalde een hellingshoek van maar liefst 12%. 'Afdaling' is hier niet het juiste woord; het lijkt meer op een gecontroleerde val.
Voor de rest: op en neer, slingerend door het landschap, in steeds wisselende configuraties, druk pratend onderweg en genietend van de schitterende omgeving.

Vlakbij Flobecq (Vloesberg): een van de weinige gevaarlijke oversteekplaatsen
Bij Ellezelles: neen, geen terrasje te bespeuren
Eén probleem: in zo'n landelijk gebied vind je amper terrasjes voor een koffiepauze.

De eerste echte halte was onze middagpauze in Saint-Sauveur. Pintjes aan 1,60 euro, waar vind je dat nog? Direct aansluitend op die pauze, kregen we een flinke klim voor de kiezen. De groep werd een langgerokken sliert, die zich zwoegend en hijgend een weg omhoog baande. 


Eric en Bart: bijna boven (Saint-Sauveur)
Wouter: ook bijna boven, met Helen op de hielen
'BionX' Ronny nadert de top
Gevolgd door 'Bafang' Helen
De beloning: genieten van het uitzicht (Frasnes-les-Anvaing)
Het leuke is dat je daarna weer kunt afdalen.

Onderweg waren Tom en ik het roerend eens: Challenge maakt schitterende fietsen, maar ze hebben behoefte aan uitzonderlijk veel TLC (tender love and care). Met andere woorden: er schort één en ander aan de betrouwbaarheid. Gelukkig was dat niet echt het geval tijdens deze rit: geen lekke banden, geen aanrijdingen, geen pannes. Enkel de ketting van mijn Seiran liep er vooraan enkele keren af en op andere momenten wilde die niet naar het kleinste blad. Zoiets is wel snel opgelost.


De trikers, Eric en Bart, ergens onderweg.
De enige velomobiel in het gezelschap
Jan en Tom, twee Challenge ligfietsen
Bij Brakel. Bijna terug.
De Sint-Martinus kerktoren van Velzeke: het start- en eindpunt.
Ronnius ontdekte hier onverwachte voordelen van zijn BionX motor: de accu was amper ontladen bij aankomst. Een BionX kan namelijk regenereren: bij het afdalen werkt de motor als generator/rem. Je snelheid wordt beperkt en de opgewekte energie vloeit terug naar de accu. Het nadeel: na elke afdaling moesten we op hem wachten (grapje).

Voor Eric 'erde' kunnen we enkel bewondering hebben: hij fietste eerst 50 km van Deerlijk naar Velzeke, waar we startten. Dan nam hij deel aan de rit van 70 km en daarna fietste hij nog eens 90 km terug naar huis! Die afgeronde cijfers gaven een totaal van 200 km, met de Challenge Trike. Chapeau! Maar ook: dat zijn we van hem gewoon.

Het besluit was unaniem: dit is een prachtige, onontdekte streek. Het Vlaamse deel is wel populair bij wielertoeristen, maar een keer over de taalgrens ben je bijna alleen.
Het andere besluit was ook unaniem: met ligfietsen kun je wel degelijk hellingen aan.

Tot slot wat cijfers

Het persoonlijke record met de Seiran is weer wat scherper gesteld: 75,8 km/u is de nieuwe topsnelheid.
Er werden 719 hoogtemeters bedwongen
De rit was 72 km lang.

De volgende uitdaging: hier een vervolg aan breien.

Bijzondere vermelding

Ronnius leverde zowat de helft van het beeldmateriaal, waarvoor dank.

zondag 7 mei 2017

Verkenning met een onverwachte afloop

Aanleiding

Op 13 mei is er een volgende toer met de ligfietsersclub. Deze keer gaf ik me op om de tocht te organiseren. Dat houdt niet veel in: een route bedenken (of kiezen), verkennen en de concrete afspraken maken.

Mijn insteek is: we gaan klimmen en dalen. In Oost-Vlaanderen kom je dan gauw in de Vlaamse Ardennen terecht. Via Routeyou vond ik een zo op het oog mooie rit die ons tot net over de taalgrens zou brengen. Zo'n rit moet je wel even verkennen:
  • is er niets onderbroken?
  • is alles befietsbaar?
  • waar kunnen we 's middags terecht voor een hapje en een drankje?
De tocht is 70 km lang, met als steilste klim een eind van 7%. Bij WOL (West- en Oost-Vlaamse Liggers) werd de tocht 'hillbilly toer' gedoopt.

De rit

Omdat een ander gegeven was 'bij voorkeur geen velomobielen', deed ik de verkenning ook met de open ligger. Maandag 1 mei is een vrije dag en het was droog, dus dit was het moment voor de verkenning. De Seiran ging achterop het busje en zo trok ik naar het startpunt, bij Zottegem.

Sint-Martinuskerk, Velzeke
Het eerste deel ging via allerlei wegen die ik herkende van vroegere ritten. Het was ook duidelijk dat dit populair terrein is bij wielertoeristen: overal zag ik ze rijden, in lycra pakjes op lichte fietsjes. De Seiran toerfiets viel duidelijk uit de toon.
Wat ook uit de toon viel, was een verdacht getik in de aandrijving. Ik wachtte af.

Klimmen en dalen, dalen en weer klimmen, slingerend door de Vlaamse Ardennen. Soms 10 km/u, dan weer 40. Ideaal voor wie de schakel- en bochtentechniek onder de knie wil krijgen. Prachtig slingerende wegen, prima asfalt op de meeste plaatsen.

Krekelberg: dreigende lucht, maar het bleef droog
Over de taalgrens kwam ik aan Flobecq/Vloesberg. Daar kreeg ik de tot dan schitterendste afdaling onder de wielen: aan ruim 40 km/u volgde ik de slingerende asfaltweg door het bos. Zalig gewoon!

Gedaan met fietsen

Maar zoals we weten, volgt na elke afdaling weer een klim. Daar was het afgelopen, over and out. Met een klap blokkeerden de pedalen. Op een helling sta je dan heel erg snel stil. De oorzaak was gauw gevonden: het verdachte geluid had geleid tot een losgekomen schalm in de ketting.


Een binnenband had ik bij. Bandenlichter en dergelijke ook, zelfs een set sleutels. Maar geen kettingpons, geen reserveschakel, geen tang... Daar bovenop is 1 mei een feestdag, dus alles is dicht.

Er zat maar één ding op: te voet terug naar Velzeke, waar het busje stond. 15 km wandelen door mooi gebied is ook niet mis, als je ervoor kiest. Het alternatief was iemand bellen, maar rekening houdend met de tijd die nodig is om tot in Flobecq te raken, de fiets in de auto te krijgen en dan terug te rijden, kon ik evengoed stappen. Het traagste tempo was tenslotte het wandeltempo; in de afdalingen kon ik op de fiets en dan ging het wel snel.
De wandelroute liep voor het grootste deel over het Mijnwerkerspad: een tot wandel- en fietspad omgebouwde oude spoorlijn.

Op het mijnwerkerspad
Nu is dat genieten van natuur en stilte; toen was het een drie uren durende treinrit, zonder zitplaatsen voor 'het plebs' (de mijnwerkers), tussen Brakel en Bernissart.

Achteraf

Terug thuis wilde ik de losse schakel eruit halen. De kettingpons was niet goed genoeg voor die taak. Wat wel lukte, was de pen er weer door drukken. De schakel zat weer vast zoals het hoort.
De ketting is nog eens grondig gereinigd en geolied. Bij de rest van de verkenning (een volgende blogpost) verliep alles prima. Geen verdachte geluiden meer.

maandag 17 oktober 2016

Tripje door Zeeland

Laat me de aanloop nog even herhalen: een fietsbuddy zei dat ze eind september enkele dagen door Zeeland wilde fietsen. Dat leek me een leuk idee en dus kon ik mee. Samen is leuker dan alleen.

Het plan was vaag: een dag of vier, vijf en in Zeeland en kamperen. Geen velomobiel, maar een gewone ligfiets.

Dat laatste is al een uitdaging: een meerdaagse kampeerrit met de Seiran had ik nog nooit gedaan. Zouden alle spullen mee kunnen? Een tent, slaapmat, slaapzak, basis kookset, kleding ... Gelukkig beschik ik over Ortlieb ligfietstassen, want daar kan al heel wat in.

De spullen worden klaargelegd, de tassen gemonteerd en alles wordt geladen. Het is duidelijk nodig om ook de Radical toptas te monteren. Voor één keer ben ik gelukkig met dat onding. Daarmee lukt het om alles mee te nemen, maar er is echt geen plaats over.

Dag 1

Zondag 25 september hebben we om 9u afgesproken. De eerste track loopt van Gent naar Breskens. Daar zullen we de boot nemen naar Vlissingen.


Koffiepauze in Breskens, wachtend op de veerboot
Op weg naar Vlissingen

Het is een schitterende nazomerdag, dat merk je meteen op de boot: we zijn zeker niet alleen. Zoals gewoonlijk trekken de ligfietsen de aandacht, zeker met de volle bepakking erop.

Vanuit Vlissingen nemen we een variant op de LF1, die ons dwars over het eiland leidt.


Walcherense klinkerweg
Via Middelburg fietsen we naar Vrouwenpolder. Vanaf Middelburg trekt de hemel dicht en voelen we zelfs wat druppels, maar later klaart het weer op.


Middagpauze bij een Italiaans restaurant in Middelburg
Weidse zichten, wind in de rug, alles vlak... Dit is duidelijk Zeeland.
Algauw zijn we aan de waterkering, met rechts van ons het Veerse Meer. Ik vraag me af hoe dit eruit zag voor dit alles van de zee gescheiden werd.
Zo komen we op Schouwen-Duiveland, waar we op zoek gaan naar een minicamping voor de nacht. Dat valt niet echt mee zo op het eind van het seizoen. Op de eerste minicamping sturen ze ons wandelen: 'een eindje verder is er nog één'. Dat blijkt een camping vol stacaravans te zijn. Niet wat we zoeken. Na wat rondrijden langs Burgh-Haamstede komen we uiteindelijk aan een bescheiden minicamping (voor de Vlamingen: in Nederland is vaak een kleine camping met een vijftiental plaatsen verbonden aan een boerderij).

De tenten worden opgezet en we verkennen even het dorp. Dag 1 is goed verlopen.

Er is wel één zaak waar ik niet gelukkig mee ben: de Seiran heeft het lastig met al dat gewicht achterop en heeft voortdurend de neiging om met zijn kop te schudden. Hij stuurt vaag en dat is niet aangenaam. Ik besluit de Ortliebtassen maximaal naar voor te verplaatsen. Da's niet zoveel werk, want het QL2 systeem maakt dat je zonder gereedschap de haken kunt verplaatsen.


De route. 107 km afgelegd, op het gemak.

Dag 2

Eind september heb je al behoorlijk wat dauw. De tenten zijn dus vochtig, net als het gras. We maken ons ontbijt in de schuur, waar tafels en stoelen staan voor de gasten.

De Ortliebtassen worden vooruit verplaatst.


De linkertas op de nieuwe positie
Nadien ruimen we alles op en vertrekken weer. Eerst gaan we westwaarts, omdat daar een grote, veel gefotografeerde vuurtoren staat.

Het is al na enkele omwentelingen duidelijk: de tassen wat naar voor verplaatsen heeft de rij-eigenschappen sterk verbeterd.
 
Nieuw voor mij: ook in Nederland worden duinengebieden verknoeid om de meervermogenden hun optrekjes te laten planten. Nieuw-Haamstede lijkt op één grote omheining, waarachter grote huizen staan, verscholen tussen het groen. Het is net alsof Duitsland dit gebied ingepalmd heeft, aan de nummerplaten te zien.
Daarna pikken we de draad weer op en fietsen langs de LF1 (Noordzeeroute) verder noordwaarts. Het pad slingert door de duinen: heen en weer en op en neer. Op een bepaald moment schakelt Anne verkeerd.


Te voet de duin op: schakelen lukt niet meer
De ketting haakt zich vast in de voorderailleur, een schakel gaat open en de boel zit klem. 


Dit zit goed vast
Met twee tangen, een kettingpons en wat geduld krijgen we de boel weer min of meer in orde (Anne is o.a. fietshersteller). Onderweg blijkt wel dat de derailleur dit niet leuk vond: hij sleept tegen het grootste blad vooraan. Je ziet op de foto hierboven al wat aan de hand is.

Eindelijk een leuke afdaling en dan mag je niet fietsen...
Als we aan de de noordkant van Schouwen-Duiveland aankomen, zijn we meteen aan de grens van Zeeland: het volgende eiland - Goeree-Overflakkee - ligt in Zuid-Holland.
Dat houdt ons niet tegen.

De weersverwachting stelt dat vanaf donderdag de kans op regen aanzienlijk groter wordt, dus beslissen we dat we hier aan ons noordelijkste punt aangekomen zijn. We rijden vanaf nu een eind oostwaarts en zullen zo ongeveer heel Goeree-Overflakkee doorkruisen.


Schier eindeloze polderwegen
In Stad aan het Haringvliet zit een verdeler van Hobie kajaks en daar willen we ook wel even een kijkje nemen. Dat zal vandaag niet meer lukken, want het tempo ligt lager. Dat we de wind niet meer in de rug hebben, heeft daar zeker ook mee te maken.
Op dit eiland liggen echt pareltjes van dorpen. Het is hier ook duidelijk minder toeristisch dan in Zeeland: het aantal campings is veel minder en het binnenland (nou ja, je zit overal op een boogscheut van het water) is uitsluitend landbouwgebied.

Uiteindelijk komen we uit in Den Bommel, langs de Haringvliet. De VVV-infozuil in Middelharnis had ons hier naartoe geleid: hier zou een minicamping zijn. Niet dus... Langs dezelfde weg ligt wel een andere 'camping', annex feestzaal, maar die ziet er erg doods uit en vlak ernaast loopt de N89, stampvol vrachtverkeer.
Gelukkig installeerde ik 'Archies Campings' op de Garmin en die leidt ons naar alweer een boerderijcamping 'De Lage Werf', waar de kampeerwei nieuw aangelegd is. Ook het sanitaire blok, geïntegreerd in een schuur, is nagelnieuw en ademt design.

Kampeerstek bij Den Bommel
Deze keer reden we 75 km. Dat lijkt me voor een ligfiets en toerrijden een eerder normale afstand.

Dag 3

Na het ontbijt pakken we het probleem met de voorderailleur van Annes fiets aan: die is verbogen, waardoor de ketting niet op het grootste blad raakt en de derailleur continu tegen dat blad sleept. Op enkele minuten krijgen we dit in orde, met gebruik van twee flinke tangen.

Van hieruit draaien we weer zuidwaarts. De wind is verder aangewakkerd en zit recht op kop, dus het tempo wordt nog wat lager. 't Zijn wel ligfietsen, maar in vergelijking met een velomobiel is de wind wel duidelijk merkbaar.
In Oud-Tonge stoppen we aan een restaurantje, lekker in de zon, voor het middageten. Het is hier zalig rustig.

Volgens de kaart en de GPS kunnen we via Bruinisse verder. Daar is aan de oostkant van het eiland een veerpont die ons naar Anna Jacobapolder kan overzetten. Daarvoor moeten we de hele verbinding over het Grevelingenmeer over, tegen de wind in. Dit stuk fietste ik in juli ook, tijdens het 'rondje Oosterschelde' met onze Antwerpse ligfietsvrienden. Mooi is het wel, maar helaas blijkt de veerpont niet meer te bestaan...
We moeten dus de hele weg terug om via een andere verbinding in het noordwesten van Brabant te belanden, bij Sint-Philipsland. Dit is echt een mooi gebied, met ruige natuur.


Bruinisse: bijzonder fietsenstalling




Tussen het Grevelingenmeer en Sint-Philipsland


Het Schelde-Rijnkanaal tussen Oud en Nieuw-Vossemeer
Ook hier zijn de campings niet dik gezaaid. De eerste is een 'natuurcamping', waarvoor je een lidkaart moet hebben. Je kunt die ter plaatse kopen, maar daarmee zou de prijs voor de overnachting meteen verdubbelen. Niet dus.

Op de tweede camping geven ze niet thuis. Dit is er ook eentje in familie Flodder-stijl, dus niet echt ons ding. Archies geeft nog een optie in de juiste richting, maar wel 7 km verder, in De Heen.
Daar komen we op de viersterrencamping De Uitwijk. Het seizoen is afgelopen, dus is het geen probleem: we hebben het hele domein voor ons alleen.


Dag 4: eerst heen en weer naar Stad aan het Haringvliet, naar de Hobiedealer. Daarna nog een heen-en-weerrit via Bruinisse en op het eind de speurtocht naar de camping. 72 km afgelegd.

Dag 4

De nacht was bijzonder zacht en droog. Geen condens op de tenten, geen dauw op het gras. Zo kunnen we de spullen droog en erg vroeg opbergen.
Omdat voor morgen regen verwacht wordt, besluiten we tot Antwerpen te rijden en daar de trein te nemen tot in Gent. Dit is bekend terrein en helaas ook wat minder mooi om te fietsen. Geen beelden geschoten.

Ongeveer 70 km gefietst en nog 50 km getreind.

Slotbedenkingen

Om in gezelschap te fietsen is een open ligfiets aangenamer dan een velomobiel. Dat mag duidelijk wezen: het praat iets makkelijker. Maar - heel evident - je bent meer onderhevig aan de weersomstandigheden. Het voordeel daarvan is dat je ook nog meer betrokken bent bij de omgeving en dat het stiller rijdt.

Pakken moet ook met meer beleid gebeuren. We volgden blijkbaar allebei dezelfde logica: alle spullen voor de tent en puur kamperen zaten in één tas. De rest - kleding, eten, bestek ... - in de andere.

Op deze trip testte ik een alternatieve stroomvoorziening voor de Garmin Oregon 450 uit: die werd aangesloten op de usb-poort van de B+M Luxos U koplamp.

Op de stuurstang zie je de usb-aansluiting
Als de snelheid onder 20 km/u zakt, valt al snel de spanning weg. Dan schakelt de Oregon over op de eigen (oplaadbare) accu's. Dat hangt samen met de gekozen naafdynamo (een Shutter Precision SD-8, bedoeld voor kleine wielen). Zo kon ik toch 4 dagen doen met één setje Eneloop cellen, waar anders een set per dag nodig is.
Daarbij moet ik ook vermelden dat bij die snelheden - rond 20 km/u - de koplamp uitgeschakeld moet blijven. Anders is er geen energie genoeg om ook de gps te voeden.
Een mogelijkheid was de versie voor 28" wielen nemen, maar mijn normale kruissnelheid bedraagt eerder 25 km/u en dan is de SD-8 beter: minder weerstand en een lager gewicht.

De Ortlieb fietstassen voldeden ruimschoots. De Seiran 24 vormt de beperking: door de kleinere wielmaat komen de tassen tegen de achterbrug en dat leidt tot slijtsporen. Anderzijds is dit voor mijn 1,70m een prima wielmaat.

We legden zo'n 330 km af. Geen lekken. Enkel een gebroken ketting, die vermoedelijk vooral het gevolg was van het feit dat Anne de dag ervoor de componenten van één ligfiets op een andere overgezet had. De tijd om alles goed af te stellen ontbrak.
Haar Challenge Wizard is een prima bezadigde toerfiets, maar duidelijk trager dan de - ook al niet zo snelle - Seiran. Het maakte eigenlijk weinig uit: om Zeeland te leren kennen, hoef je niet te racen, maar het landschap te ondergaan.

Rekening houdend met het gegeven 'open ligger' had ik regenkledij mee: een compacte, lichte regenbroek (Patagonia), een kajakvest (Tribord, Decathlon) en een paar Goretex handschoenen. Vooral die vest neemt plaats in. Gelukkig hadden we onze regenkleding niet nodig.